HomeGHB9.6.2 Incidenten

9.6.2 Incidenten

Snel naar:

Sinds 2009 houdt de Monitor Drugsincidenten (MDI, zie bijlage B3) actuele gegevens bij over de aard en omvang van acute drugsgerelateerde gezondheidsincidenten bij patiënten die worden behandeld op de spoedeisende eerste hulp (SEH) van een ziekenhuis, door de ambulance, door forensisch artsen of op de EHBO van een grootschalig evenement. De monitor is niet landelijk dekkend, maar rapporteert vanuit peilstationregio’s in Nederland (vier regio’s in 2009; acht sinds 2011) ​​​[1]​. De gegevens worden aangevuld met die van het Letsel Informatie Systeem (LIS), waarin de behandelingen wegens intoxicaties of letsels na drugsgebruik op 14 SEH’s zijn opgenomen. Daarnaast registreert het Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum (NVIC) informatieverzoeken van artsen en andere medische professionals over vermoede blootstellingen aan middelen. Bij beide bronnen worden intoxicaties niet analytisch/toxicologisch geverifieerd. Tot slot verzamelt het Euro-DEN Plus project gegevens over drugsgerelateerde spoedgevallen van een netwerk van ziekenhuizen in Europa.

Monitor Drugsincidenten

  • In 2020 werd GHB-gebruik geregistreerd bij 868 (25%) van de in totaal 3.541 drugsincidenten. In 538 gevallen (15%) werd GHB als enige drug gemeld (met of zonder alcohol). Daarnaast was GHB in 330 gevallen (9%) betrokken bij incidenten waarbij meer dan één drug op eenzelfde gelegenheid waren gebruikt. In deze gevallen was GHB voornamelijk gecombineerd met amfetamine (37%), cocaïne (33%) en/of ecstasy (29%). De gegevens over de gebruikte drugs zijn grotendeels afkomstig van zelfrapportage. Tegen de achtergrond van het beperkte gebruik van GHB in de algemene bevolking, is het aandeel van GHB in de intoxicaties opvallend hoog.

Onderstaande tabel geeft een overzicht van alle incidenten met GHB als enige drug voor het registratiejaar 2020.

  • Het aandeel GHB-intoxicaties bij de deelnemende diensten is al jaren stabiel. Vergeleken met de andere medische diensten zagen ambulancediensten in 2020 relatief de meeste GHB-intoxicaties. Hier was 29% van alle patiënten met een drugsintoxicatie onder invloed van (onder andere) GHB. Wel neemt dit aandeel gestaag af sinds 2015 (47%). Ook ziekenhuizen meldden relatief vaak incidenten waarbij GHB (al dan niet in combinatie met een ander middel) was gebruikt (MDI: 24%, LIS: 25%), vergelijkbaar met voorgaande jaren. Bij forensisch artsen was dit aandeel 15%.

GHB-incidenten

Naar aanleiding van berichten in de media eind 2018 over een explosieve toename in het aantal GHB-incidenten (met name in Rotterdam, Utrecht, Amsterdam en Nijmegen), heeft het Ministerie van VWS in 2019 het Trimbos-instituut opdracht gegeven deze toename nader te duiden ​[2]​.

  • Omdat een landelijk dekkende registratie van (GHB-)incidenten ontbreekt, zijn naast analyses van bestaande registratiegegevens (2009-2018) van de MDI en het LIS, ook enquêtes uitgezet onder medewerkers van de spoedeisende hulp afdelingen van ziekenhuizen in Nederland en onder forensisch artsen, en zijn in signaal- en controleregio’s diepte-interviews gehouden met 51 sleutelfiguren.
  • Deze ‘quick scan’ bevestigde de grote regionale variatie in aard en omvang van de GHB-problematiek, maar gaf geen duidelijk beeld van een landelijke toename. Indien deze toename zich wel voordeed, leek zij onderdeel te zijn van een algehele toename in drugsincidenten.
  • Geconcludeerd wordt dat “De explosieve toename die door enkele ziekenhuizen werd gemeld kan samenhangen met verschillende factoren, zoals een verschuiving van het aanrijden van de ambulance met GHB-patiënten naar ziekenhuizen in de regio met specifieke GHB-ervaring, de grote indruk die GHB-patiënten achterlaten vanwege het ernstige klinische beeld (dat langer in het geheugen blijft hangen dan mildere intoxicaties), de uitzichtloosheid van een (kleine) groep GHB-gebruikers die recidiverend, soms meerdere keren per week, opnieuw in coma worden binnengebracht en de machteloosheid van SEH-medewerkers om daar verandering in te brengen” ​[2]​.

Kenmerken patiënten en incidenten gerelateerd aan gebruik van GHB

  • De mate van intoxicatie bij GHB-incidenten is, vooral bij patiënten die worden gezien op SEH’s en bij ambulancediensten, zeer hoog. In 2020 was 68% van de patiënten met een GHB-intoxicatie op de SEH ernstig onder invloed, bij de ambulancediensten was dit 70%. Dit aandeel is al jaren stabiel.
  • Patiënten raken vaak bewusteloos na het gebruik van GHB (‘out gaan’). Twee derde van de in 2020 gemelde incidenten met patiënten die GHB (als enige drug) hadden gebruikt raakte (sub)comateus. Deze bewustzijnsdaling kan soms uren duren. Vaak worden hulpverleners na het ontwaken geconfronteerd met geagiteerde of agressieve patiënten; in 2020 betrof dit een op de vijf subcomateuze of comateuze GHB-patiënten; 71% van deze patiënten kreeg een rustgevend middel toegediend.
  • Bijna de helft (48%) van de patiënten die in verband met GHB-gebruik in 2020 door een forensisch arts werden gezien was niet acuut onder invloed, maar had juist last van GHB-onttrekking. Hier gaat het voornamelijk om arrestanten die ingesloten zijn in verband met publieke overlast of een overtreding, vaak met verslavingsproblematiek. Deze (fysiek aan GHB verslaafde) patiënten maken in feite een ongeplande detoxificatie mee in de cel. Een forensisch arts wordt in deze gevallen geraadpleegd voor insluitingsbeoordeling. Bij ziekenhuizen en ambulancediensten was het aandeel ontwenningsverschijnselen op het totaal aantal patiënten met GHB-gebruik veel lager (<1%).

Tabel 9.6.1     Incidenten met GHB als enige drug geregistreerd door de Monitor Drugsincidenten (MDI) en het Letsel Informatie Systeem (LIS), 2020.

Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum

Het Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum (NVIC) voorziet artsen en andere hulpverleners van informatie over de mogelijke gezondheidseffecten en behandeling van acute vergiftiging ​[3]​. Het NVIC registreert het aantal telefonisch gemelde blootstellingen aan diverse middelen en het aantal internet raadplegingen.

  • Het aantal telefonisch gemelde blootstellingen aan GHB/GBL daalde van 110 in 2018 naar 78 in 2019 en 72 in 2020 ​[4]​. In 2021 steeg dit aantal weer naar 83 gemelde blootstellingen ​[3]​.
  • Het aantal internet raadplegingen steeg van 221 in 2018 naar 310 in 2019 en 353 in 2020 ​[4]​, maar daalde vervolgens weer naar 342 in 2021 ​[3]​. Van deze internet raadplegingen is niet bekend hoe vaak er daadwerkelijk een vergiftigde patiënt betrokken was; artsen kunnen ook voor onderwijsdoeleinden de website raadplegen. Desalniettemin is het mogelijk dat artsen vaker informatie via internet zijn gaan opzoeken en minder zijn gaan bellen over GHB/GBL.

Internationale vergelijking

Op Europees niveau werden de drugsgerelateerde incidenten van 2014 tot en met 2017 gemonitord door het European Drug Emergencies Network (Euro-DEN) ​[5]​. Eind 2018 bestond Euro-DEN uit 31 locaties in 21 landen. Voor Nederland nemen het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis te Amsterdam en het Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum (NVIC) te Utrecht deel aan het Euro-DEN.

  • De mate waarin GHB/GBL een rol speelt in deze incidenten blijkt binnen Europa per regio te verschillen.
  • In 2017 speelde GHB/GBL in meer dan 20% van de gevallen een rol in Londen, Barcelona, Talin, Helsinki en Oslo.
  • In minder dan 2% van de gevallen daarentegen speelde GHB/GBL een rol in 11 van de 30 steden die deelnamen aan het onderzoek. Dit gegeven suggereert dat niet alleen binnen Nederland maar ook binnen Europa het gebruik van GHB/GBL sterk verschilt per regio.

Incidenten seksueel misbruik

Sinds GHB werd beschreven als ‘uitgaansdrug’ zijn er berichten verschenen over verkrachtingen waarbij GHB werd gebruikt om het slachtoffer te verdoven. Systematische cijfers hierover zijn echter niet voorhanden.

  • Een internationale overzichtsstudie heeft geprobeerd te achterhalen bij hoeveel van de wetenschappelijk beschreven verkrachtingsincidenten er daadwerkelijk sprake was van bewezen GHB-intoxicatie ​[6]​. In 0,2% tot 4% van alle beschreven gevallen van seksueel misbruik werd GHB gedetecteerd.
  • Daarmee lijkt het dus eerder een sporadisch gebruikte drug in dit soort gevallen dan een frequent gebruikte drug. De nadruk die hierop wordt gelegd door de media zou een van de oorzaken kunnen zijn dat GHB veel vaker wordt genoemd als verkrachtingsdrug dan het eigenlijke aantal gevallen waarin de drug ook daadwerkelijk werd aangetoond. Ook dient te worden opgemerkt dat door het gebruik van andere drugs dan GHB en door het gebruik van alcohol iemand risico kan lopen op seksueel misbruik.
  • Knelpunt bij deze studies is dat GHB betrekkelijk kort detecteerbaar is: maximaal 5 uur in het bloed en 12 uur in de urine ​[7]​. Van de meeste studies is slechts bekend dat het bloed- of urinemonster ‘binnen 24 uur na het incident’ was verzameld. Onderrapportage is dus mogelijk. De politie rapporteert dat op 11 december 2020 twee jonge vrouwen in Soest werden gedrogeerd met alcohol en GHB, waarbij de GHB werd gedetecteerd in hun bloed ​[8]​.

Aanvullende informatie

Bronnen

  1. 1.
    Schürmann L, Croes E, Vercoulen E, Valkenberg H. Monitor drugsincidenten: Factsheet 2020. Utrecht: Trimbos-instituut; 2021.
  2. 2.
    Croes E, De-Nerée-tot-Babberich C, Schürmann L, Nijkamp L. Ontwikkelingen in acute gezondheidsincidenten na GHB-gebruik: Een inventarisatie. Utrecht: Trimbos-instituut; 2019.
  3. 3.
    Nugteren-van Lonkhuyzen JJ, Van Velzen AG, Mulder-Spijkerboer HN, Visser CC, Dijkman MA, De Lange DW, et al. Acute vergiftigingen bij mens en dier: NVIC Jaaroverzicht 2021: NVIC Rapport 01/2022. Utrecht: Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum (NVIC), Divisie Vitale Functies, Universitair Medisch Centrum Utrecht; 2022.
  4. 4.
    Nugteren-van Lonkhuyzen JJ, Van Velzen AG, Mulder-Spijkerboer HN, Visser CC, Dijkman MA, Kan AA, et al. Acute vergiftigingen bij mens en dier: NVIC Jaaroverzicht 2020: NVIC Rapport 01/2021. Utrecht: Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum (NVIC), Divisie Vitale Functies, Universitair Medisch Centrum Utrecht; 2021.
  5. 5.
    EMCDDA. Drug-related hospital emergency presentations in Europe: update from the Euro-DEN Plus expert network: Technical report. Luxembourg: Publications Office of the European Union; 2020.
  6. 6.
    Németh Z, Kun B, Demetrovics Z. The involvement of gamma-hydroxybutyrate in reported sexual assaults: a systematic review. Vol. 24, Journal of Psychopharmacology. 2010. p. 1281–1287.
  7. 7.
    Verstraete AG. Detection Times of Drugs of Abuse in Blood, Urine, and Oral Fluid. Vol. 26, Therapeutic Drug Monitoring. 2004. p. 200–205.
  8. 8.

Hoe te verwijzen

    Nationale Drug Monitor, editie 2022. . . Geraadpleegd op: . Trimbos-instituut, Utrecht & WODC, Den Haag.