HomeAmfetamine7.5 Gebruik: internationale vergelijking

7.5 Gebruik: internationale vergelijking

7.5.1 Amfetaminegebruik onder volwassenen internationaal

Hoe verhoudt het amfetaminegebruik in Nederland zich tot andere landen?

In het kort: In de Europese Unie (+ Noorwegen) gebruikte 0,7% van de volwassenen (15-64 jaar) in het laatste jaar amfetamine. Amfetaminegebruik in Nederland ligt zowel onder volwassenen (15-64 jaar; 1,6%) als jongvolwassenen (15-34 jaar; 3,0%) boven het EU-gemiddelde. Ook scoort Nederland hoog als het gaat om de hoeveelheid amfetamine in het rioolwater. Vanwege verschillen in onder andere leeftijdsgroepen en meetmethoden kunnen we de gegevens over amfetaminegebruik niet goed vergelijken met andere westerse landen buiten de EU.

De cijfers van deze landen zijn niet direct te vergelijken door verschillen in onderzoeksmethoden en -populaties. Daarom kunnen we geen sterke conclusies trekken uit kleine verschillen. De resultaten laten wel zien welke landen een relatief hoog of laag percentage gebruikers hebben. Voor meer informatie, zie: Meer informatie over de onderzoeken op deze pagina.

Hoe verhoudt het amfetaminegebruik in Nederland zich tot andere landen in Europa?

Amfetaminegebruik in Nederland boven EU-gemiddelde

Van de volwassenen van 15-64 jaar in de Europese Unie (+ Noorwegen), had gemiddeld 0,7% in het laatste jaar een amfetamine gebruikt. Dat zijn ongeveer 2 miljoen mensen. Het gebruik in het laatste jaar was het hoogst in Bulgarije (3,5%) en het laagst in Portugal (<0,1%). Nederland stond met 1,6% op plaats vier ​[1]​.

Van de jongvolwassenen van 15-34 jaar gebruikte 1,4% een amfetamine in het laatste jaar. Dit komt neer op ongeveer 1,4 miljoen mensen. Het gebruik in het laatste jaar was het hoogst in Estland (5,1%) en het laagst in Hongarije (<0,1%) en Portugal (<0,1%). Nederland stond met 3,0% op plaats vier.

Relatief veel amfetamine in rioolwater in Nederlandse steden, hoeveelheid methamfetamine relatief laag in Nederlandse steden

Rioolwateronderzoek in Europese steden in 2025 ​[2]​ laat zien dat de hoeveelheid amfetamine in het rioolwater relatief hoog was in steden in België, Denemarken, Zweden en Noorwegen, maar ook in steden in Nederland. Twee van de vijf deelnemende Nederlandse steden stonden in de top 10 van de 120 deelnemende steden, met Eindhoven op de derde plaats en Nieuwegein op de achtste plaats. Utrecht stond op plaats 11, Rotterdam op plaats 19, Amsterdam op plaats 23.

De gemeten hoeveelheden methamfetamine in het rioolwater waren hoog in steden in Tsjechië, Slowakije en Duitsland. In de Nederlandse steden werd in vergelijking met andere Europese steden relatief weinig methamfetamine aangetroffen. De eerste Nederlandse stad is Amsterdam op plaats 19 (van de 122 deelnemende steden)​. Rotterdam stond op plaats 33, Eindhoven op 41, Utrecht op plaats 56 en Nieuwegein op plaats 80. Hoewel we hiermee in de middenmoot vallen, zijn de waardes in Nederland minimaal een factor 10 kleiner dan in de top 10 steden.

Voor beide middelen worden in de Europese steden over het algemeen geen grote schommelingen gevonden in de gemeten hoeveelheden gedurende de week. Dit kan erop wijzen dat er een kleine groep (hoog-risico) gebruikers is die de middelen dagelijks gebruikt. De hoeveelheid (meth)amfetamine in rioolwater werd gemeten door de stof zelf te meten. We weten hierdoor niet zeker of de (meth)amfetamine door mensen is gebruikt of op een andere manier in het rioolwater terecht is gekomen, bijvoorbeeld door dumpingen. Daarnaast kan de aanwezigheid van (drugs)toeristen leiden tot een vertekend beeld van het daadwerkelijke drugsgebruik onder de lokale bevolking, omdat de metingen niet alleen de inwoners maar ook de tijdelijke bezoekers omvatten. Hierdoor kunnen de berekeningen per 1.000 inwoners onnauwkeurig zijn.

Hoeveelheid amfetamine in rioolwater in Amsterdam, Utrecht en Nieuwegein gestegen; methamfetamine in Amsterdam gestegen

Van de 82 steden met gegevens over amfetamine voor 2024 en 2025 rapporteerden 36 steden (44%) een stijging, 27 steden (33%) een daling en 19 steden (23%) geen verandering.

In vergelijking met de meting van 2024 is in 2025 de hoeveelheid amfetamine in het rioolwater in Eindhoven gestegen (+37%). In Utrecht is de hoeveelheid aangetroffen amfetamine juist gedaald (-24%). In Rotterdam en Amsterdam is er geen verschil tussen 2024 en 2025. Sinds de eerste meting in 2011 is de hoeveelheid amfetamine die wordt aangetroffen in het rioolwater in Amsterdam (+26%) en Utrecht (+176%) gestegen. In Nieuwegein is slechts twee keer gemeten, maar ook hier was sprake van een stijging ten opzichte van de eerste meting in 2017 (+191%). In Rotterdam, waar in 2023 voor het eerst is gemeten, is de hoeveelheid aangetroffen amfetamine in 2025 gedaald (-24%). In Eindhoven is de hoeveelheid aangetroffen amfetamine in het rioolwater niet veranderd ten opzichte van de eerste meting in 2012.

Van de 80 steden met gegevens over methamfetamine voor 2024 en 2025 rapporteerden 37 steden (46%) een stijging, 28 steden (35%) een daling en 15 steden (19%) geen verandering.

In vergelijking met de meting van 2024 is in 2025 de hoeveelheid methamfetamine in het rioolwater in Utrecht (+29%) en Rotterdam (+107%) gestegen. In Amsterdam is de hoeveelheid aangetroffen methamfetamine juist gedaald (-15%). Sinds de eerste meting in 2011 is de hoeveelheid methamfetamine in het rioolwater wel gestaag toegenomen in Amsterdam, hoewel de waardes in vergelijking met steden in Tsjechië en Duitsland veel lager zijn​. De hoeveelheid aangetroffen methamfetamine in het rioolwater in Eindhoven is vanaf 2020 hoger dan de jaren ervoor. In Rotterdam schommelde de hoeveelheid methamfetamine tussen 2023 en 2025 zonder duidelijke trend. Voor Nieuwegein zijn slechts twee metingen beschikbaar die weinig tot geen methamfetamine in het rioolwater aantonen.

Hoeveel mensen buiten de Europese Unie gebruiken amfetamine?

Buiten de EU worden in westerse landen zoals Engeland en Wales, de Verenigde Staten, Canada en Australië ook gegevens verzameld over het gebruik van amfetamine en methamfetamine. De resultaten worden hieronder kort beschreven maar zijn door verschillen in onder andere leeftijdsgroepen en meetmethoden niet goed vergelijkbaar met de Nederlandse gegevens. Voor meer informatie, zie: Meer informatie over de onderzoeken op deze pagina.

Engeland en Wales

In 2024/2025 gebruikte 0,3% van de 16-59-jarige volwassenen in Engeland en Wales (meth)amfetamine in het laatste jaar. Dit is vergelijkbaar met de vorige meting in 2023/2024, maar lager vergeleken met de meting van tien jaar daarvoor (0,6% in 2014/2015). Als we kijken naar de specifieke middelen, had 0,2% amfetamine gebruikt en <0,1% gebruikte methamfetamine ​[3]​.

Verenigde Staten

In 2022 gebruikte 1,0% van de volwassenen van 18 jaar en ouder in de Verenigde Staten methamfetamine in het laatste jaar ​[4]​. Het gebruik van amfetamine is niet uitgevraagd.  

Canada

In 2023 gebruikte 0,5% van de mensen van 15 jaar en ouder in Canada amfetamine en/of methamfetamine in het laatste jaar ​[5]​. Het is niet precies bekend of deze mensen vooral amfetamine of methamfetamine hebben gebruikt.

Australië

In 2022/2023 gebruikte 1% van de mensen van 14 jaar en ouder in Australië amfetamine en/of methamfetamine in het laatste jaar. Van deze mensen gebruikte 49% crystal meth (methamfetamine) en 47% gebruikte amfetaminepoeder (let op dat mensen beide middelen in het laatste jaar kunnen hebben gebruikt). Een groter deel gebruikte meestal crystal meth (43%) dan amfetaminepoeder (31%) ​[6]​.

Methamfetaminegebruik wordt waarschijnlijk onderschat

De onderzoeken naar het gebruik van drugs worden uitgevoerd door middel van vragenlijstonderzoeken onder de algemene bevolking. Het gebruik van methamfetamine kan echter voorkomen onder gemarginaliseerde bevolkingsgroepen, die doorgaans niet worden meegenomen in dit soort onderzoeken of daarin ondervertegenwoordigd zijn. Hierdoor is het mogelijk dat het daadwerkelijke gebruik van methamfetamine wordt onderschat.

Vragenlijstonderzoeken in de algemene bevolking

In verschillende landen wordt regelmatig onderzoek gedaan naar het drugsgebruik in de algemene bevolking. De gegevens komen uit vragenlijstonderzoeken onder representatieve groepen volwassenen. De cijfers op deze pagina zijn afkomst uit lidstaten van de Europese Unie (+Noorwegen en Turkije) ​[1]​, Engeland en Wales ​[3]​, de Verenigde Staten ​[4]​, Canada ​[5]​ en Australië ​[6]​. Deze landen hebben relatief vergelijkbare sociaaleconomische en culturele omstandigheden als Nederland, hoewel er ook verschillen zijn die invloed kunnen hebben op het drugsgebruik. Dit maakt het interessant om het drugsgebruik in Nederland te vergelijken met deze landen.

De resultaten van deze onderzoeken zijn echter niet rechtstreeks vergelijkbaar vanwege verschillen in peiljaar, leeftijdsgroepen, meetmethoden en steekproefgrootte. Bovendien worden bepaalde groepen vaak volledig buiten de steekproeven van algemene bevolkingsonderzoeken gelaten, wat relevant is omdat deze groepen mogelijk hogere percentages drugsgebruik hebben. Dit betreft bijvoorbeeld daklozen en mensen die in bepaalde instellingen verblijven, zoals gevangenissen. In Engeland en Wales worden bijvoorbeeld ook studenten die in studentenhuizen wonen niet meegenomen. In landen waar een sterk stigma rondom drugsgebruik heerst, kunnen mensen daarnaast minder eerlijk antwoord geven over hun gebruik, wat kan leiden tot een onderschatting van het werkelijke niveau van drugsgebruik.

Er zijn ook wereldwijde gegevens over het gebruik van drugs beschikbaar, afkomstig uit het World Drug Report van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). Deze gegevens worden aangeleverd door lidstaten, maar er kunnen aanzienlijke verschillen zijn in de kwaliteit van deze gegevens. Dit komt door variaties in onderzoeksmethoden, beschikbare middelen/capaciteit om onderzoek te doen, definities van drugsgebruik, stigma en de frequentie van de gegevensverzameling. Vanwege deze beperkingen rapporteren wij voor landen niet de gegevens uit deze wereldwijde studies, maar de gegevens van onderzoek dat door de afzonderlijke landen zelf is gedaan.

Rioolwateranalyses: aanvulling op vragenlijstonderzoeken

Als aanvulling op de vragenlijstonderzoeken in de algemene bevolking, bieden rioolwateranalyses inzicht in de totale hoeveelheid drugs die in het rioolwater van steden wordt aangetroffen. In 2025 zijn gedurende één week per jaar metingen verricht in verschillende Europese steden ​[2]​, waaronder ook een aantal Nederlandse steden. De metingen in het rioolwater richtten zich op cannabis, cocaïne, ecstasy (MDMA), (meth)amfetamine en ketamine.

Een belangrijk voordeel van deze methode is dat het niet afhankelijk is van zelfrapportage of de bereidheid van mensen om deel te nemen aan onderzoek. Bij vragenlijstonderzoek is er sprake van onderrapportage, vooral omdat zware of problematische gebruikers vaak niet deelnemen. Maar rioolwateranalyses hebben ook beperkingen: het is niet mogelijk vast te stellen hoeveel gebruikers er zijn en wat hun kenmerken zijn. Het kan bijvoorbeeld zijn dat een klein aantal mensen veel gebruikt, of dat een grotere groep slechts beperkt gebruikt. Bovendien kan alleen voor cannabis en cocaïne met zekerheid worden vastgesteld dat de aangetroffen stoffen afkomstig zijn van menselijk gebruik door de waarneming van afbraakproducten (metabolieten). Voor andere middelen, zoals MDMA, (meth)amfetamine en ketamine, worden alleen de urine-biomarkers van de stof zelf gemeten. De gemeten hoeveelheden van deze middelen kunnen afkomstig zijn van gebruikers, maar ook van dumpingen van drugs.

Aanvullende informatie

Bronnen

  1. 1.
    EUDA. European Drug Report 2026: Trends and Developments. 2026.
  2. 2.
    EUDA. Wastewater analysis and drugs — a European multi-city study. 2026.
  3. 3.
    Drug misuse in England and Wales: year ending March 2025. Office for National Statistics (ONS); 2025.
  4. 4.
    2022 National Survey on Drug use and Health (NSDUH) Detailed Tables . Substance Abuse and Mental Health Services Administration; 2023.
  5. 5.
    Canadian Substance Use Survey (CSUS): summary of results for 2023. Health Canada; 2024.
  6. 6.
    National Drug Strategy Household Survey 2022–2023. Australian Institute of Health and Welfare ; 2025.

Hoe te verwijzen

    Nationale Drug Monitor, editie 2026. . . Geraadpleegd op: . Trimbos-instituut, Utrecht & WODC, Den Haag.