HomeCriminaliteit en overlast17.2.2 Verslavingsproblematiek onder justitiabelen

17.2.2 Verslavingsproblematiek onder justitiabelen

Aan middelen gerelateerde stoornissen in forensische zorg (FZ)

Justitiabelen kunnen binnen de forensische zorg (FZ) behandeling van verslavingsproblematiek ondergaan. Onder FZ wordt verstaan: geestelijke gezondheidszorg, verslavingszorg en verstandelijke gehandicaptenzorg in een strafrechtelijk kader. Hieronder vallen zowel ambulante, intramurale of verblijfszorg trajecten als trajecten met detentie. Tbs-trajecten behoren hier niet toe. Onder justitiabelen die in de periode 2015-2017 uitgestroomd zijn uit de FZ is een aan middelen gebonden stoornis de meest gestelde hoofddiagnose: bij 28% is een aan een middel gebonden stoornis de primaire diagnose. Aan middelen gerelateerde problematiek kan bij een groter aandeel justitiabelen voorkomen, bijvoorbeeld in combinatie met een andere primaire diagnose ​[1]​.

  • Het absolute aantal diagnoses van aan middelengebruik gerelateerde problematiek onder volwassen justitiabelen nam af van 5.100 in 2017 naar 4.200 in 2019 ​[2–4]​. Het aantal vaststellingen van stoornissen gerelateerd aan middelengebruik is niet bekend voor 2020 ​[5]​.
  • Het aandeel van de gedetineerdenpopulatie met verslavingsproblematiek was in de periode 2012-2018 redelijk stabiel rond 25% ​[2,3,6]​. Het aandeel gedetineerden met verslavingsproblematiek steeg tot 30% in 2019 en 33% in 2020 ​[4,5]​.

Alcohol- en drugsproblematiek bij de gevangenispopulatie

Uit de registraties van DJI over 2019 en 2020 blijkt dat in de gehele volwassen gevangenispopulatie gemiddeld de helft van de gedetineerden een verslaving heeft ​[7,8]​.

Dit is in lijn met de bevindingen uit een studie van de Universiteit Leiden ​[9]​. Voor dit onderzoek zijn psychosociale criminogene factoren van gedetineerde mannen in kaart gebracht. Informatie waarop deze factoren zijn gebaseerd bij gedetineerde mannen, hoeft niet noodzakelijkerwijs tijdens de detentieperiode te zijn verzameld. De studie gaat uit van een representatieve steekproef (N= 2.079) van mannen die in de eerste helft van 2017 gedetineerd waren in Nederland. Daarbij is gebruikgemaakt van gegevens van de door de reclassering afgenomen ‘RISc 4.0’, een instrument dat zich richt op twaalf verschillende psychosociale domeinen die gerelateerd zijn aan het risico op recidive. Alcoholgebruik en drugsgebruik zijn twee van die twaalf domeinen. De RISc wordt ingevuld op basis van zowel zelfrapportage (interviews) als dossieranalyse. De resultaten van het onderzoek zijn samengevat in onderstaande tabel.

Tabel 17.2.1 Aandeel mannelijke gedetineerden met alcohol- en drugsproblematiek (in 2017)

Uit een recent onderzoek naar justitiabelen in de periode mei 2018 – januari 2019 onder 236 justitiabelen blijkt dat:

  • 10% (24 gedetineerden) van de onderzochte gedetineerden aangemerkt kon worden als veelgebruiker van alcohol in de periode voordat zij ingesloten zaten (8 of meer standaardglazen per dag) ​[10]​. Dit komt overeen met de bevindingen van het eerdergenoemde Leidse onderzoek ​[9]​.
  • Van de justitiabelen gebruikte 44% drugs in de periode voorafgaand aan hun detentie (104 gedetineerden). Van deze groep gebruikte 63% alleen softdrugs (cannabis), 23% alleen harddrugs en 14% zowel soft- als harddrugs. Onder de harddrugsgebruikers werden cocaïne, heroïne en amfetamine (‘speed’) het meest gebruikt ​[10]​.

Drugsgebruik tijdens detentie

  • Door de Dienst Justitiële Inrichtingen wordt sinds begin 2019 een registratie van vondsten van smokkelwaar bijgehouden. Zie ook § 2.1.6.
  • In 2020 daalt het aantal keren dat contrabande wordt binnengesmokkeld licht, van 4.567 in 2019 naar 3.948 in 2020. Dit komt mogelijk door het aangescherpte veiligheidsbeleid. Maar het is ook aannemelijk dat de coronamaatregelen hebben geleid tot minder invoer van contrabande ​[11]​.
  • Het grootste gedeelte van de aangetroffen smokkelwaar bestaat uit drugs, namelijk 66% in 2020. In het laatste kwartaal van 2020 is een stijging te zien. Dat kan er mee samenhangen dat gedetineerden zich voor de smokkel hebben aangepast aan de coronamaatregelen, maar het kan ook liggen aan het gebruik van een nieuw registratiesysteem en het beter registreren in de loop van 2020 ​[11]​.

In de gevangenis vinden urinecontroles plaats om het gebruik van drugs te testen. Die controles worden steekproefsgewijs verricht. Daarnaast wordt ook getest op drugs als er aanwijzingen zijn voor drugsgebruik of als bij gedetineerden eerder drugsgebruik is geconstateerd. Het betreft dus geen aselecte steekproef (zie bijlage B11).

  • Uit registraties van DJI blijkt dat in 2020 bij 6% van de urinecontroles drugsgebruik bij gedetineerden is vastgesteld. In 2020 zijn in het totaal 29.500 urinecontroles uitgevoerd.
  • Zowel in absolute als relatieve zin was het aantal positieve testen in 2020 lager dan in 2017, 2018 en 2019. Met 6% was het aandeel positieve testen het laagst sinds de vanaf 2014 gevolgde metingen.
  • In 2019 werd bij ongeveer 8% van de urinecontroles drugsgebruik bij gedetineerden vastgesteld (42.700 gevallen). In 2018 en 2017 was dat 9% en ging het om respectievelijk 33.800 en 31.500 gevallen. In 2016 stuitte men in circa 10% van de urinecontroles op drugsgebruik van gedetineerden (ongeveer 30.000 gevallen). De jaren daarvoor lag dat percentage iets lager: in 2014 op 9% en in 2015 op 8%.

Tijdens de duidingssessie wezen experts van DJI en SVG erop dat het aandeel gedetineerden met verslavingsproblematiek waarschijnlijk groter is dan uit registraties blijkt. De kanttekening die zij hierbij plaatsen is dat registraties over verslavingsproblematiek zelden onderscheid maken naar type verslaving (alcohol, drugs, medicatie, gokken etc.). Mogelijk zijn de registraties daardoor onvolledig. De verwachte onderrapportage van verslavingen wordt mogelijk mede veroorzaakt doordat verslavingszorg gedreven wordt door hulpvragen van gedetineerden. Zolang een gedetineerde zelf geen hulp zoekt, blijft de verslaving veelal buiten de registraties. Alcoholverslavingen komen volgens de experts overigens nauwelijks voor binnen detentie: als er voorafgaand aan detentie een alcoholverslaving was, wordt deze tijdens detentie veelal vervangen door een verslaving aan drugs of medicatie ​[12]​. Uit de duidingssessie bleek dat de experts van DJI en SVG een aantal ontwikkelingen signaleren die mogelijk van invloed zijn op de recente registraties van drugsgebruik tijdens detentie ​[12]​:

  • In toenemende maten lijken er signalen te zijn dat tijdens detentie synthetische drugs gebruikt worden die in urine beperkt te detecteren zijn. Het gaat bijvoorbeeld om synthetische cannabinoïden.
  • Wijzigingen in drugscontroles zijn tijdens de coronapandemie mogelijk van invloed geweest op het aantal afgenomen urinecontroles en het percentage positieve tests. De frequentie van urinecontroles bij justitiabelen met verblijfstitel ‘Inrichting stelselmatige daders’ (ISD) lijkt bijvoorbeeld tijdens de coronapandemie verlaagd van wekelijks naar maandelijks.

Aanvullende informatie

Bronnen

  1. 1.
    Drieschner K, Tollenaar N. Recidive tijdens forensische zorgtrajecten 2013-2017. Cahier 2021-18 [Internet]. Den Haag; 2021. Available from: www.wodc.nl
  2. 2.
    De Looff J, Van de Haar M, Van Gemmert N, Bruggeman M. DJI in getal 2013-2017: De divisies GW/VB en ForZo/JJI nader belicht. Den Haag: Ministerie van Justitie en Veiligheid, Dienst Justitiële Inrichtingen; 2018.
  3. 3.
    DJI. Infographic forensische zorg 2019 [Internet]. 2019. Available from: www.forensischezorg.nl › files › %09infographic_forensische_zorg_2019
  4. 4.
    DJI. Infographic forensische zorg [Internet]. 2020. Available from: https://dji.nl/binaries/70558-JenV_DJI_infosheet_forensische_zorg_v3_HR_tcm41-366847.pdf
  5. 5.
  6. 6.
    GGZ. Factsheet forensische zorg cijfers 2018, publicatienummer 2019-420. Amersfoort: GGZ Nederland; 2019.
  7. 7.
    DJI. Infosheet gevangeniswezen [Internet]. 2020. Available from: https://dji.nl/binaries/70558-JenV_DJI_infosheet_gevangeniswezen_v4_tcm41-352270.pdf
  8. 8.
  9. 9.
    Den Bak RR, Popma A, Nauta-Jansen L, Nieuwbeerta P, Jansen JM. Psychosociale criminogene factoren en neurobiologische kenmerken van mannelijke gedetineerden in Nederland. Leiden: Universiteit Leiden; 2018.
  10. 10.
    Martens, L., Kruizenga, H., & Weijs, P.J.M. Gezondheidsprofiel justitiabelen. Amsterdam/Den Haag: Ministerie van Justitie & Veiligheid; 2019.
  11. 11.
    DJI. Cijfers contrabande gevangeniswezen [Internet]. 2021. Available from: https://www.dji.nl/justitiabelen/onderwerpen/contrabande/cijfers-contrabande-gevangeniswezen
  12. 12.
    Regioplan. Notitie opbrengsten groepsgesprekken. 2021.

Hoe te verwijzen

    Nationale Drug Monitor, editie 2022. . . Geraadpleegd op: . Trimbos-instituut, Utrecht & WODC, Den Haag.