HomeGebruik: internationale vergelijking18.5.2 Jongeren internationaal

18.5.2 Jongeren internationaal

In het kort: LSD of andere hallucinogenen zijn, na cannabis en ecstasy, de meest gebruikte drugs onder Europese scholieren. Over het algemeen ligt het gebruik van psychedelica hoger onder jongens dan onder meisjes. Het percentage Nederlandse scholieren dat ervaring heeft met psychedelica ligt iets onder het Europees gemiddelde.

ESPAD (European School Project on Alcohol and other Drugs) is een internationale studie naar middelengebruik bij scholieren in het regulier onderwijs in de leeftijd van 15-16 jaar (www.espad.org). In elk land worden de gegevens verzameld met behulp van een standaardvragenlijst en volgens eenzelfde methode waardoor de resultaten van de deelnemende landen onderling goed vergelijkbaar zijn. Het onderzoek vindt sinds 1995 iedere vier jaar plaats, momenteel in ongeveer vijfendertig landen ​[1–6]​. Nederland neemt sinds 1999 deel aan ESPAD. De dataverzameling in Nederland vindt tegelijkertijd met het Peilstationsonderzoek scholieren plaats. In 2019 werden voor het eerst gegevens gerapporteerd afgerond op 1 decimaal om met meer precisie uitspraken te kunnen doen. Voorgaande jaren werden de prevalentiecijfers afgerond op hele getallen. Bij het interpreteren van de trendgegevens dient hiermee rekening te worden gehouden.

Onderstaande tabel toont het gebruik van psychedelica in een aantal landen van de EU, Noorwegen, Zwitserland en de Verenigde Staten. Dit laatste land deed niet mee aan de ESPAD maar voerde wel vergelijkbaar onderzoek uit.

Gebruik van psychedelica onder scholieren

  • LSD of andere hallucinogenen (2,1%) zijn, na cannabis (16%) en ecstasy (2,3%), de meest gebruikte drugs onder Europese scholieren, gevolgd door cocaïne (1,9%) en amfetamine (1,7%) ​[6]​.
  • Het percentage scholieren dat in 2019 ooit LSD of andere hallucinogene middelen heeft gebruikt, was het hoogst in Letland (4,9%) en Estland (4,8%), gevolgd door Slowakije en Tsjechië. Nederlandse scholieren staan met 1,8% gelijk aan Portugal en Zweden en iets onder het (ongewogen) Europese gemiddelde van 2,1% ​[6]​.
  • Over het algemeen hebben in Europa meer jongens (2,4%) dan meisjes (1,7%) ervaring met LSD of andere hallucinogenen. Dit was in bijna alle landen het geval, behalve op de Faeröer eilanden en in Servië, waar geen verschil tussen jongens en meisjes was. In Slowakije hadden meer meisjes (4,7%) dan jongens (3,5%) ooit LSD of andere hallucinogene middelen gebruikt ​[6]​.

Aanvullende informatie

Bronnen

  1. 1.
    Hibell B, Andersson B, Bjarnason T, Ahlström S, Balakireva O, Kokkevi A, et al. The ESPAD Report 2003: Alcohol and Other Drug Use Among Students in 35 European Countries Björn. Stockholm: CAN; 2004.
  2. 2.
    Hibell B, Guttormsson U, Ahlström S, Balakireva O, Bjarnason T, Kokkevi A, et al. The 2007 ESPAD Report: Substance Use Among Students in 35 European Countries. Stockholm: CAN; 2009.
  3. 3.
    Hibell B, Guttormsson U, Ahlström S, Balakireva O, Bjarnason T, Kokkevi A, et al. The 2011 ESPAD Report: Substance Use Among Students in 36 European Countries. Stockholm: CAN; 2012.
  4. 4.
    Hibell B, Molinaro S, Siciliano V, Kraus L. The ESPAD validity study in four countries in 2013. Luxembourg: Publications Office of the European Union; 2015.
  5. 5.
    Kraus L, Leifman H, Vicente J. ESPAD Report 2015: Results from the European School Survey Project on Alcohol and Other Drugs [Internet]. Luxembourg: Publications Office of the European Union; 2016. Available from: http://www.espad.org/sites/espad.org/files/ESPAD\_report\_2015.pdf
  6. 6.
    Molinaro S, Vicente J, Benedetti E, Cerrai S, Colasante E, Arpa S, et al. ESPAD report 2019: Results from the European School Survey Project on Alcohol and Other Drugs. Luxembourg: Publications Office of the European Union; 2020.

Hoe te verwijzen

    Nationale Drug Monitor, editie 2024. . . Geraadpleegd op: . Trimbos-instituut, Utrecht & WODC, Den Haag.