HomeOver middel18.1 Over psychedelica

18.1 Over psychedelica

Snel naar:

Soorten psychedelica

Psychedelica zijn psychoactieve stoffen die een sterke invloed hebben op het gevoel, het bewustzijn en de waarneming en kunnen zorgen voor hallucinaties of andere zintuigelijke reacties. Deze middelen worden ook wel hallucinogenen, tripmiddelen of geestverruimende middelen genoemd. Sommige psychedelische stoffen komen voor in de natuur (in bepaalde planten, zaden, schimmels en dieren), maar er zijn ook synthetische psychedelica (zie ook NPS§ 8.1). Het woord psychedelica is samengesteld uit de Griekse woorden ‘psyche’ en ‘deloun’, wat letterlijk vertaald ‘de geest zichtbaar maken’ betekent.

In de wetenschappelijke literatuur bestaat er geen eenduidige definitie van psychedelica. Wel wordt onderscheid gemaakt tussen de klassieke psychedelica en atypische psychedelica. Atypische psychedelica verschillen qua chemische structuur en farmacologische eigenschappen van de klassieke psychedelica.

Onder klassieke (‘serotonerge’) psychedelica worden stoffen verstaan die zich voornamelijk aan serotonine-receptoren (5-HT2A receptor) binden. Hierdoor ontstaan typische ‘psychedelische’ effecten zoals trippen en hallucinaties ​[1]​. Voorbeelden van klassieke psychedelica zijn LSD, mescaline (de werkzame stof in onder andere de Peyote cactus en de San Pedro cactus), psilocine- en psilocybine (de werkzame stof(fen) in paddo’s en truffels) en dimethyltryptamine (DMT; de werkzame stof in ayahuasca) ​[2,3]​.

Atypische psychedelica hebben via andere werkingsmechanismen een sterk effect op ons bewustzijn ​[2,3]​. Voorbeelden zijn 3,4-methyleendioxymethamfetamine (MDMA; zie § 6.0) of 4-broom-2,5-dimethoxyfenethylamine (2C-B; zie § 8.0) en ketamine (zie § 14.0).

Dit hoofdstuk behandelt vooral de klassieke psychedelica, met name LSD, paddo’s en truffels, en in mindere mate ayahuasca/DMT of andere psychedelica. Informatie over andere atypische psychedelica is te vinden in de middelenhoofdstukken over ecstasy (§ 6.0), NPS (§ 8.0) en ketamine (§ 14.0).

Gebruikers van psychedelica en motieven voor gebruik

Het aantal onderzoeken naar gebruikers van klassieke psychedelica in Nederland is zeer beperkt. In de algemene bevolking is het gebruik van klassieke psychedelica, voor zover bekend, laag (zie § 18.2). Het gebruik van psychedelica lijkt zich met name af te spelen in specifieke groepen, zoals onder ‘psychonauten’ of in culturele, religieuze of spirituele groepen ​[2]​.

Psychedelica worden meestal gebruikt voor het opwekken van geestverruimende ervaringen, in bijvoorbeeld een ceremoniële setting. De ‘geestverruimende gebruiker’ gebruikt psychedelica om de wereld op een andere manier waar te nemen. Voor sommigen leidt het gebruik tot (zelf)inzichten of creativiteit ​[4]​. Mede vanwege corona, lijken (ook onder bredere gebruikersgroepen) psychedelica gebruikt te worden voor het beantwoorden van ‘grote vragen’ over ecologie, milieu of meer persoonlijke existentiële vragen of bij de verbintenis met de natuur. Uit het Amsterdamse uitgaansleven zijn er daarnaast signalen dat psychedelica ook voor meer ‘recreatieve’ doeleinden worden gebruikt, bijvoorbeeld voor tripervaringen ​[5]​.

Psychedelica kunnen ook gebruikt worden in zeer lage doseringen, het zogenoemde ‘microdosing’.

  • Bij microdoseren worden zeer kleine doses van een psychoactief middel (vaak psychedelica als psilocybine en LSD) gebruikt, meestal 5-10% van een reguliere dosis. Bij microdoseren treden geen psychedelische of hallucinogene effecten op, maar subtiele (sub-perceptuele) effecten worden wel genoemd ​[6,7]​.
  • Gebruikers die microdoseren met LSD of psilocybine noemen hiervoor verschillende ‘functionele’ motieven, bijvoorbeeld voor persoonlijke ontwikkeling of verbetering van de geestelijke gezondheid of fysieke gezondheid (‘zelfmedicatie’) ​[8]​.
  • In experimentele studies zijn voor zover bekend geen langdurige effecten gevonden van microdoseren op het welbevinden. Wel bestaat het gevaar dat microdoseringen een negatieve invloed kunnen hebben op het normale functioneren: cognitieve prestaties en reactievermogen kunnen negatief beïnvloed te worden door microdoseren ​[9]​. Bovendien lijkt bij microdoseren sprake te zijn van een sterk placebo-effect ​[10]​.

Gebruikswijze

Psychedelica kunnen op verschillende manieren worden gebruikt:

  • De meeste psychedelica worden oraal ingenomen, door middel van bijvoorbeeld papertrips of blotters (LSD). Blotters zijn kleine velletjes eetbaar papier waarop vloeibare LSD is gedruppeld. De druppels LSD kunnen ook direct oraal worden ingenomen of op andere eetbare producten worden gedruppeld.
  • Natuurlijke psychedelica, zoals gedroogde psilocybine- of psilocine-houdende paddenstoelen of mescaline-houdende cactussen, kunnen worden gegeten of er kan thee van worden gedronken. Ook ayahuasca (een mengsel van een liaan van de slingerplant Banisteriopsos caapi en bladeren van Psychotria viridis) wordt als thee gedronken.
  • Hoewel het minder vaak voor komt, kunnen sommige psychedelica ook worden gerookt (bijvoorbeeld gedroogde paddo’s, DMT-poeder).

Effecten van psychedelica: drug, set en setting

De subjectieve effecten van psychedelica kunnen sterk verschillen per middel en individu. Het gebruik van psychedelica is niet zonder risico’s. Het meest voorkomende ongewenste psychische effect van psychedelica is de zogenaamde “bad trip”, waarbij er gevoelens van angst, paniek, somberheid en/of een achtervolgingswaan (paranoia) kunnen optreden (zie § 18.7 voor meer informatie). De effecten van psychedelica worden vooral bepaald door de dosering en de effecten verschillen ook gedurende de trip (bijvoorbeeld piekmomenten) ​[11]​. Nog meer dan bij andere middelen, hebben ook andere niet-middel gerelateerde factoren invloed op de effecten van psychedelica. Van belang zijn namelijk ook de set (eigenschappen van de gebruiker) en de setting (de omgeving en de context) waarin het middel wordt gebruikt ​[12–14]​

  • Perceptuele effecten kunnen variëren van subtiel tot zeer sterk. Het kan bijvoorbeeld gaan om subtiele intensiveringen van de waarneming (zoals kleur of veranderingen in texturen of geluiden), maar ook elementaire hallucinaties (geometrische patronen) of complexe hallucinaties (visuele scenes) komen regelmatig voor ​[11]​.
  • De emotionele effecten van psychedelica bestaan over het algemeen uit intensiveringen van gevoelens en emoties. Voorbeelden zijn gevoelens van euforie, ontzag, vrede en liefde, maar ook negatieve emoties zoals angst, controleverlies en achtervolgingswaanzin (paranoia) komen voor (zie ook § 18.7) ​[11]​.
  • Onder invloed van psychedelica lijken er ook cognitieve effecten op te treden, zoals een toename in creativiteit, cognitieve flexibiliteit en probleemoplossend vermogen. De cognitieve effecten kunnen voor een langere tijd aanhouden, ook na eenmalig gebruik.  Psychedelica kunnen daarnaast het besef van ruimte, tijd en het zelf (‘egodissolutie’) volledig doen verdwijnen. Egodissolutie komt vaker voor bij hogere doseringen. Ook komt het vaker voor bij bijvoorbeeld psilocybine dan bij LSD ​[11]​.

Wetgeving rondom psychedelica

De meeste klassieke psychedelica vallen in Nederland onder de Opiumwet (§ 2.1) en zijn dus niet legaal verkrijgbaar. LSD, DMT (de werkzame stof in ayahuasca), 2C-B en psilocybine en psilocine staan op lijst I van de Opiumwet.

Alle paddenstoelen met een hallucinogene werking (paddo’s) staan op lijst II van de Opiumwet. Truffels vallen niet onder de Opiumwet omdat dit geen paddenstoelen zijn. Truffels (sclerotia) zijn legaal te koop in smartshops (zie ook § 18.8.2). Paddo’s en truffels bevatten wel allebei dezelfde werkzame stoffen: psilocybine en psilocine.

Sommige NPS (zie ook § 8.1), bijvoorbeeld het hallucinogene middel 1p-LSD, vallen niet onder de Opiumwet of Geneesmiddelenwet, maar onder de Warenwet (zie ook § 2.1).

Toepassingen van psychedelica

Het gebruik van psychedelica gaat vele eeuwen terug. Psychedelica werden al in vroege culturen gebruikt in verschillende sociaal-culturele en rituele contexten ​[3]​.

In 1943 ontdekte de farmaceut Hoffman per toeval de hallucinogene werking van de stof LSD. In de jaren daarna werd met behulp van LSD onderzocht wat mensen met een psychose doormaken. Met het inzicht dat de onderliggende mechanismen die een rol spelen bij psychoses vergelijkbaar zijn met de psychedelische ervaring ​[15]​, werd de basis gelegd voor de biologische psychiatrie, de ontdekking van verschillende soorten neurotransmitters en het ontwikkelen van nieuwe medicijnen als antipsychotica en antidepressiva ​[8]​.

Sinds de jaren 40 en 50 van de vorige eeuw werd er veel onderzoek gedaan naar de therapeutische mogelijkheden van psychedelica in de psychiatrie, met veelbelovende resultaten ​[1]​. In diezelfde tijd werd LSD ook door “hippies” gebruikt bij demonstraties tegen de Vietnam oorlog. De opstandigheid of rebellie, onder met name jongeren en studenten, werd vaak gezien als gevolg van het drugsgebruik, waarna LSD op Lijst I van de Controlled Substances Act in Amerika werd geplaatst. Al snel volgde een wereldwijd verbod op psychedelica, waardoor het nagenoeg onmogelijk werd om nog psychiatrisch onderzoek te kunnen doen naar deze middelen ​[3]​.

Hernieuwde belangstelling voor psychedelica (in de psychiatrie)

In de afgelopen jaren is er een toenemende belangstelling in (onderzoek naar) de therapeutische toepassing van psychedelica, ketamine (zie § 14.1) en MDMA (zie § 6.1).

Klassieke psychedelica hebben mogelijk positieve effecten bij een breed scala aan psychiatrische stoornissen ​[1,16,17]​. Eind 2021 werd onder 233 patiënten onderzoek gedaan naar de werkzaamheid en optimale dosering van psilocybine bij therapieresistente depressie. Drie weken na eenmalige toediening van psilocybine voldeed bijna een derde (29%) van de patiënten niet meer aan de criteria van depressie, of waren depressieve symptomen sterk verminderd (37%). Bij een deel van de patiënten (24%) hield de verbetering tot ten minste 12 weken aan ​[18]​. Ook het UMC Utrecht, UMC Groningen en Leids UMC deden mee aan deze studie.

Aanvullende informatie

Bronnen

  1. 1.
    van Elk M. Neurowetenschappelijke en psychologische verklaringen voor de therapeutische effecten van psychedelica. Vol. 62, Tijdschift voor Psychiatrie. 2020. p. 677–683.
  2. 2.
    Johnson MW, Hendricks PS, Barrett FS, Griffiths RR. Classic psychedelics: An integrative review of epidemiology, therapeutics, mystical experience, and brain network function. Pharmacology and Therapeutics. 2019.
  3. 3.
    Nichols DE. Psychedelics. Vol. 68, Pharmacological reviews. 2016. p. 264–355.
  4. 4.
    De Jonge MC. Persona’s in middelengebruik: Eindrapportage. Utrecht: Trimbos-insituut; 2021.
  5. 5.
    Nabben T, Benschop A. Antenne Amsterdam 2020: Trends in gebruik van alcohol, tabak, cannabis en andere drugs. Amsterdam: Hogeschool van Amsterdam; 2021.
  6. 6.
    Kuypers KP, Ng L, Erritzoe D, Knudsen GM, Nichols CD, Nichols DE, et al. Microdosing psychedelics: More questions than answers? An overview and suggestions for future research. Vol. 33, Journal of psychopharmacology (Oxford, England). 2019. p. 1039–1057.
  7. 7.
    Kuypers KPC. Microdoseren met psychedelica: Wat weten we ervan? [Microdosing with psychedelics: What do we know?]. Vol. 62, Tijdschrift voor Psychiatrie. Kuypers, K. P. C.: Afd. Neuropsychologie & Psychofarmacologie, Faculteit Psychologie & Neurowetenschappen, Universiteit Maastricht, Postbus 616, Maastricht, Netherlands, 6200 MD, [email protected]: Uitgeverij Boom; 2020. p. 669–676.
  8. 8.
    van Elk M. Een nuchtere kijk op psychedelica. eerste edi. Das Mag Uitgeverij B.V.; 2021.
  9. 9.
    Holze F, Liechti ME, Hutten NRPW, Mason NL, Dolder PC, Theunissen EL, et al. Pharmacokinetics and Pharmacodynamics of Lysergic Acid Diethylamide Microdoses in Healthy Participants. Vol. 109, Clinical pharmacology and therapeutics. 2021. p. 658–666.
  10. 10.
    Szigeti B, Kartner L, Blemings A, Rosas F, Feilding A, Nutt DJ, et al. Self-blinding citizen science to explore psychedelic microdosing. Vol. 10, eLife. 2021.
  11. 11.
    Swanson LR. Unifying Theories of Psychedelic Drug Effects. Vol. 9, Frontiers in pharmacology. 2018. p. 172.
  12. 12.
    E Zinberg N. Drug, set, and setting. The basis for controlled intoxicant use. . Yale University Press; 1984.
  13. 13.
    L. Zentner J. Drug, Set, and Setting: The Basis for Controlled Intoxicant Use. JAMA: The Journal of the American Medical Association. 1985.
  14. 14.
    Leary T, Litwin GH, Metzner R. Reactions to psilocybin administered in a supportive environment. Journal of Nervous and Mental Disease. 1963.
  15. 15.
    Geyer MA, Vollenweider FX. Serotonin research: Contributions to understanding psychoses. Trends in Pharmacological Sciences. 2008.
  16. 16.
    Breeksema JJ, Niemeijer AR, Krediet E, Vermetten E, Schoevers RA. Psychedelic Treatments for Psychiatric Disorders: A Systematic Review and Thematic Synthesis of Patient Experiences in Qualitative Studies. CNS Drugs. 2020.
  17. 17.
    Breeksema JJ, van Den Brink W, Veraart J, Smith-Apeldoorn S, Vermetten E, Schoevers RA. Psychedelics in the treatment of depression, anxiety, and obsessive-compulsive disorder. Tijdschrift voor Psychiatrie. 2020.
  18. 18.
    COMPASS Pathways announces positive topline results from groundbreaking phase IIb trial of investigational COMP360 psilocybin therapy for treatment-resistant depression. https://ir.compasspathways.com/node/7516/pdf. 2021.

Hoe te verwijzen

    Nationale Drug Monitor, editie 2023. . . Geraadpleegd op: . Trimbos-instituut, Utrecht & WODC, Den Haag.