HomeCocaïne4.8 Aanbod en markt

4.8 Aanbod en markt

4.8.1 Samenstelling

Wat is de samenstelling van de cocaïne die wordt verkocht op de Nederlandse drugsmarkt?

In het kort: Van alle drugsmonsters die in 2025 waren ingeleverd bij de testlocaties, werd één op de twintig verkocht als cocaïne. Dit is vergelijkbaar met 2024. Bijna alle geteste cocaïnemonsters bevatten ook echt cocaïne. Het gemiddelde gehalte cocaïne in cocaïnepoeders is met 76% het hoogst sinds 10 jaar. Bijna acht op de tien cocaïnemonsters bevatten alléén cocaïne, de overige monsters bevatten (ook) andere stoffen. Procaïne is het meest voorkomende versnijdingsmiddel, gevolgd door fenacetine. Crack-cocaïne wordt maar weinig ingeleverd bij de drugstestservice.

Eén op de twintig ingeleverde drugsmonsters is verkocht als cocaïne

In 2025 werden 990 drugsmonsters ingeleverd die zijn verkocht als cocaïne. Dit is 5,6% van het totaal aantal drugsmonsters (17.585) dat werd ingeleverd bij de testlocaties. Daarmee ligt het percentage cocaïnemonsters ongeveer op hetzelfde niveau als in 2024 (5,1%). In de afgelopen tien jaar lijkt het percentage ingeleverde cocaïnemonsters wat af te nemen ​​[1]​.

Meer dan negen op de tien cocaïnemonsters bevatten echt cocaïne

In 2025 bevatte het overgrote deel (95,6%) van de als cocaïne verkochte drugsmonsters ook echt cocaïne. Dit percentage is vergelijkbaar met de afgelopen tien jaar (93,9%-97,1%).

Gemiddelde cocaïne gehalte is met 76% het hoogst in tien jaar

In 2025 hadden cocaïnemonsters die bij testlocaties werden ingeleverd een gemiddeld cocaïnegehalte van 76,1%. Dit is het hoogste gehalte in de afgelopen 10 jaar. In 2025 had de helft van de cocaïnemonsters een cocaïnegehalte tussen de 76% en 83%.

Het theoretisch maximaal haalbare cocaïnegehalte in cocaïne-monsters is 89%. Dit is omdat cocaïnepoeder in zoutvorm wordt gebruikt, maar het DIMS uitslagen in de base-vorm rapporteert.

Cocaïne wordt relatief vaak versneden met andere stoffen, meestal met procaïne en fenacetine

In 2025 bevatte acht op de tien (77,4%) cocaïnemonsters alléén cocaïne. Vergeleken met andere middelen zoals ecstasy, amfetamine of ketamine wordt cocaïne relatief vaak versneden met andere stoffen. Het percentage versneden cocaïnemonsters liep in 2025 weer iets terug (17,1%) ten opzichte van 2024 (28,6%).

In cocaïnemonsters waar in 2025 na analyse een versnijdingsmiddel in werd aangetroffen, ging het in 59 gevallen om procaïne, in 53 gevallen om fenacetine en in 36 gevallen om cafeïne. Ook levamisol (werd aangetroffen (28 keer).

Procaïne heeft de afgelopen jaren de plaats van levamisol overgenomen als het belangrijkste versnijdingsmiddel van cocaïne. Het percentage cocaïnemonsters met levamisol is in de afgelopen tien jaar sterk gedaald, van 59,0% in 2016 naar 3,2% in 2025. In 2025 bestonden cocaïnemonsters waarin ook levamisol zat gemiddeld voor 13,7% uit levamisol. Meer dan 10% levamisol brengt een grotere kans op gezondheidsrisico’s met zich mee.

Cocaïnemonsters waar géén cocaïne in zit bevatten het vaakst cafeïne

In iets meer dan één op de twintig (5,5%) van de als cocaïne verkochte drugsmonsters zat géén cocaïne. In deze drugsmonsters werd het vaakst cafeïne (18,0%, 9 keer), procaïne (12,0%, 6 keer) of lidocaïne (10,0%, 5 keer) gevonden.

Volgens het DIMS belanden de meeste stoffen waarschijnlijk in cocaïne door onbedoelde verwisselingen van dealers, of worden ze doelbewust toegevoegd of vervangen omdat cocaïne aanzienlijk duurder is dan veel andere middelen.

Crack-cocaïne (basecoke) wordt nauwelijks ingeleverd bij testlocaties

In 2025 werden in totaal 89 monsters ingeleverd die waren verkocht als crack-cocaïne (basecoke). Vergeleken met 2023 (18 monsters) is dit aantal flink gestegen. Sinds 2024 is er vanuit het DIMS een netwerk van intermediairen, zoals veldwerkers, waarmee het DIMS inzicht probeert te krijgen in het gebruik onder meer kwetsbare groepen die niet naar testlocaties komen. De intermediairen halen monsters op buiten de testlocaties om. Hierdoor zijn er extra crack-cocaïne-monsters geanalyseerd, wat de toename kan verklaren. Het basecoke-gehalte in 2025 lag gemiddeld op 81,7% (maximum 100%) en in 2024 op 76,7%.

De kleine aantallen ingeleverde crack-cocaïnemonsters zeggen niet direct iets over de omvang van het gebruik in Nederland. Wel toont dit aan dat het middel onder gebruikers van de testlocaties niet populair is. Het gebruik van crack-cocaïne komt vooral voor in kleine niches, zoals de straatscene, waar gebruikers hun drugs mogelijk minder vaak laten testen.

Roze cocaïne (tuci of tucibi) bevat vaak geen cocaïne

In 2025 zijn 37 monsters geanalyseerd die verkocht zijn als tuci dat soms ook tucibi of roze cocaïne wordt genoemd. Deze namen wekken de indruk dat het om 2C-B of cocaïne gaat, maar uit analyses blijkt dat er in 2025 geen cocaïne in zat en slechts een aantal keer een lage hoeveelheid 2C-B. De monsters bevatten meestal een mix van wisselende hoeveelheden MDMA, ketamine en/of cafeïne (zie voor meer informatie: Ecstasy (MDMA) – Aanbod en markt).

Monitoren van de illegale drugsmarkt

Het Drugs Informatie en Monitoring Systeem (DIMS) is een landelijk netwerk van drugstestlocaties. Het DIMS-netwerk bestaat uit 12 instellingen voor verslavingszorg en Stichting Mainline en wordt gecoördineerd vanuit het Trimbos-instituut. Het doel van het DIMS is het inzicht krijgen in de markt van illegale drugs. Consumenten kunnen anoniem hun drugs laten testen bij 32 testlocaties verspreid over heel Nederland. Het DIMS onderzoekt welke stoffen aanwezig zijn in deze ingeleverde drugsmonsters . Niet alle ingeleverde monsters worden geanalyseerd. In 2024 werden 15.280 van de 18.408 ingeleverde monsters geanalyseerd. Hiervoor worden verschillende analysemethoden gebruikt. Welke analysemethoden worden gebruikt hangt onder andere af van de vorm van het drugsmonster en de samenstelling. De meeste analyses worden gedaan in een extern laboratorium met GC-MS (gaschromatografie-massaspectrometrie) en LC-DAD (vloeistofchromatografie). Bepaalde poedermonsters en GHB kunnen soms ook direct op een aantal testlocaties of bij het DIMS-hoofdkantoor geanalyseerd worden met behulp van een FT-IR (Fourier-Transform-Infraroodspectroscopie). Een deel van de monsters in pil-vorm wordt op basis van bepaalde kenmerken, zoals logo, gewicht en diameter, herkend. 

Voorlichting en waarschuwingsfunctie

De testlocaties hebben een belangrijke voorlichtingsfunctie. Consumenten die drugs laten testen krijgen informatie over de effecten en risico’s van de ingeleverde drugs. Als er drugs in omloop zijn die een extra risico met zich meebrengen waarschuwt het DIMS landelijk, regionaal of lokaal, of via sociale media.

Meer informatie over het testen van drugs is te vinden op de website van het DIMS.

Europese drugsmarkt

Het EUDA (voorheen het EMCDDA) monitort de Europese drugsmarkt in samenwerking met Europol .

Aanvullende informatie

Bronnen

  1. 1.
    Hutten N, Smit-Rigter L. Jaarbericht DIMS 2025 [Internet]. Trimbos-instituut; 2026. Available from: https://www.trimbos.nl/kennisbank/tri-41-034-jaarbericht-dims-2025/

Hoe te verwijzen

    Nationale Drug Monitor, editie 2026. . . Geraadpleegd op: . Trimbos-instituut, Utrecht & WODC, Den Haag.