HomeCocaïne4.8 Aanbod en markt

4.8 Aanbod en markt

4.8.1 Samenstelling van cocaïnemonsters

Het Drugs Informatie en Monitoring Systeem (DIMS) monitort de markt van drugs ​[1]​. Daarvoor wordt gebruik gemaakt van de analyse van stoffen die aanwezig zijn in drugsmonsters die consumenten bij instellingen voor verslavingszorg inleveren. Een deel van deze monsters wordt herkend bij de instelling zelf. Monsters met onbekende samenstelling en alle monsters in poedervorm, zoals cocaïne, worden doorgestuurd naar het laboratorium voor chemische analyse.

De coronacrisis heeft mogelijk een impact gehad op de drugsmarkten. In hoofdstuk 16 (§ 16.0) zijn ontwikkelingen beschreven ten aanzien van de productie en handel in drugs in de eerste helft van 2020. Op de gebruiksmarkt in Nederland zijn, voor zover bekend, de gevolgen tot medio 2020 klein geweest. Het aantal drugsmonsters dat tussen maart 2020 en september 2020 bij het DIMS is aangeleverd is fors gedaald (met name van ecstasy). Het aantal ingeleverde drugmonsters van cocaïne is ook gedaald, maar dit aantal vormde wel een groter aandeel van het totaal aantal ingeleverde drugsmonsters dan in dezelfde periode in 2019. Ook uit het Groot Uitgaansonderzoek bleken weinig veranderingen in de prijs en beschikbaarheid van drugs sinds de invoer van de coronamaatregelen ​[2]​.

Zuiverheid

De zuiverheid van cocaïnepoeders is niet verder gestegen.

  • In 2020 werden 846 poeders doorgestuurd naar het laboratorium die door de consument als cocaïne waren aangekocht. Het merendeel van deze poeders (94,2%) bevatte daadwerkelijk cocaïne. In 2020 werden er minder cocaïne samples ingeleverd bij het DIMS dan in 2019: 892 in 2020 versus 1334 in 2019. De daling in het aantal samples heeft waarschijnlijk te maken met de coronacrisis en daaruit voortvloeiend minder testmogelijkheden, want in de eerste weken van 2020 werden er consequent meer samples ingeleverd dan in dezelfde weken in 2019.
  • Het gemiddelde gehalte cocaïne vertoonde een opvallende stijging van 49,2% in 2011 naar 68,3% cocaïne base in 2017, met een tijdelijke daling in 2018 naar 65,4%. In 2020 is de gemiddelde concentratie 68,9%, net als in 2019, en daarmee nog steeds op recordhoogte (zie onderstaande figuur). De cocaïne is zeer zuiver, ook vergeleken met andere Europese landen ​[3]​. Daarbij is 89% het maximaal haalbare volumepercentage van cocaïne base in snuifcocaïne (cocaïne-HCL).

Figuur 4.8.1           Percentage cocaïneI in poeders gekocht als cocaïne, vanaf 2010

Versnijdingsmiddelen

De afgelopen jaren bevatten poeders die als cocaïne zijn verkocht relatief vaak (ook) geneesmiddelen als versnijdingsmiddel (zie onderstaande figuur).

  • Vooral het versnijdingsmiddel levamisol laat tussen 2007 en 2010 een sterk stijgende trend zien en het aandeel cocaïnemonsters waarin dit middel zat bleef tot en met 2015 stabiel hoog. Opvallend is dat vanaf 2016 een daling te zien was in het aantal cocaïnemonsters dat dit versnijdingsmiddel bevatte, een trend die in 2019 leek te stagneren, maar in 2020 ligt het gehalte levamisol voor het eerst onder het niveau van 2018.
  • In 2020 bevatte 32,7% van de als cocaïne gekochte poeders levamisol, tegenover 74,1% in 2015.
  • Het gemiddelde percentage levamisol in deze cocaïnepoeders nam toe van 7,2% in 2011 naar 10,6% in 2015, waarna het gemiddelde gehalte van de levamisol jarenlang net onder de 10% bleef. Echter, in 2020 is het gemiddelde levamisol gehalte het hoogst in 10 jaar: 12,5%. Dit is een zorgelijke ontwikkeling, omdat structureel gebruik van cocaïne met meer dan 10% levamisol een grote kans op onderdrukking van het immuunsysteem heeft.
  • Frequente gebruikers van cocaïne lopen door het gebruik van levamisol een risico op ernstige bloed- en huidziekten (zie § 4.7). Levamisol werd gebruikt bij de behandeling van kanker, maar is in 2004 in Nederland voor humaan gebruik uit de handel gehaald. Levamisol wordt nog wel voor veterinaire doeleinden toegepast als antiwormenmiddel. Er zijn verschillende mogelijke redenen waarom levamisol als versnijdingsmiddel wordt gebruikt. Het is namelijk ruim beschikbaar, het lijkt veel op cocaïne, het valt niet op bij het maken van crack, het is goedkoop, en mogelijk versterkt levamisol ook nog eens het stimulerende effect van cocaïne ​[4,5]​.
  • Naast levamisol zijn de meest voorkomende vervuilingen in cocaïne: fenacetine (6,1%), cafeïne (5,9%), en procaïne (3,6%).
  • In 2009 bevatte nog 39% van de als cocaïne gekochte poeders fenacetine. In 2020 was dit aandeel dus gedaald tot 6,1%. Fenacetine was tot 1984 als pijnstiller geregistreerd, maar het middel is vanwege mogelijk kankerverwekkende eigenschappen uit de handel genomen. De doseringen fenacetine die worden gebruikt als versnijdingsmiddel zijn echter vele malen geringer dan de therapeutische doseringen waarbij schadelijke effecten optreden. Procaïne is een stof met een lokaal verdovend effect.

Figuur 4.8.2          Percentage als cocaïne gekochte poeders met naast cocaïne ook versnijdingsmiddelenI, vanaf 2010

Aanvullende informatie

Bronnen

  1. 1.
    Vrolijk R, Smit-Rigter L. Jaarbericht 2020 Drugs Informatie en Monitoring Systeem (DIMS). Utrecht: Trimbos-instituut; 2021.
  2. 2.
    Van Miltenburg C, Van Laar M, Van Beek R. Factsheet: De impact van COVID-19 en de coronamaatregelen op alcohol-, tabak- en drugsgebruik onder uitgaanders. Utrecht: Trimbos-instituut; 2020.
  3. 3.
    EMCDDA. European Drug Report 2021: Trends and Developments. Luxembourg: Publications Office of the European Union; 2021.
  4. 4.
    Brunt TM, Van den Berg J, Pennings EJM, Venhuis BJ. Adverse effects of levamisole in cocaine users: a review and risk assessment. Vol. 91, Archives of Toxicology. 2017. p. 2303–2313.
  5. 5.
    Kudlacek O, Hofmaier T, Luf A, Mayer FP, Stockner T, Nagy C, et al. Cocaine adulteration. Vols. 83–84, Journal of Chemical Neuroanatomy. 2017. p. 75–81.

Hoe te verwijzen

    Nationale Drug Monitor, editie 2022. . . Geraadpleegd op: . Trimbos-instituut, Utrecht & WODC, Den Haag.