HomeCocaïne4.8 Aanbod en markt

4.8 Aanbod en markt

In het kort: De zuiverheid van cocaïnepoeders is in 2021 op recordhoogte, net als in 2019 en 2020. Na een stagnatie in 2019, is het aandeel cocaïnepoeders met levamisol (een antiwormenmiddel voor dieren), in 2020 en 2021 opnieuw gedaald.

4.8.1 Samenstelling van cocaïnemonsters

Snel naar:

Het Drugs Informatie en Monitoring Systeem (DIMS) monitort de markt van drugs ​[1]​. Daarvoor wordt gebruik gemaakt van de analyse van stoffen die aanwezig zijn in drugsmonsters die consumenten bij instellingen voor verslavingszorg inleveren. Een deel van deze monsters wordt herkend bij de instelling zelf. Monsters met onbekende samenstelling en alle monsters in poedervorm, zoals cocaïne, worden doorgestuurd naar het laboratorium voor chemische analyse.

Zuiverheid

De zuiverheid van cocaïnepoeders is weer verder gestegen.

  • In 2021 werden 782 poeders doorgestuurd naar het laboratorium die door de consument als cocaïne waren aangekocht. Het merendeel van deze poeders (96,9%) bevatte daadwerkelijk cocaïne. Vorig jaar werden er minder cocaïnemonsters ingeleverd bij het DIMS dan het jaar daarvoor: 810 in 2021 versus 892 in 2020. De daling in het aandeel cocaïnemonsters kan een indicatie zijn dat de populariteit van cocaïne wat afneemt, maar hierbij moet ook de kanttekening gemaakt worden dat cocaïnemonsters een relatief grote kans hebben om tijdens drukte door het DIMS of door een instelling tegengehouden te worden, iets wat voor de coronapandemie dan ook regelmatig gebeurde.
  • Het gemiddelde gehalte cocaïne vertoonde een opvallende stijging van 49,2% in 2011 naar 68,9% cocaïne base in 2019 en 2020, met een tijdelijke daling in 2018 naar 65,4%. In 2021 is het gemiddelde cocaïnegehalte weer verder gestegen naar 71,3%, en is daarmee (nog steeds) op recordhoogte (zie onderstaande figuur). De cocaïne is zeer zuiver, ook vergeleken met andere Europese landen ​[2]​. Daarbij is 89% het maximaal haalbare volumepercentage van cocaïne base in snuifcocaïne (cocaïne-HCL).

Figuur 4.8.1           Percentage cocaïneI in poeders gekocht als cocaïne, vanaf 2010

Versnijdingsmiddelen

De afgelopen jaren bevatten poeders die als cocaïne zijn verkocht relatief vaak (ook) geneesmiddelen als versnijdingsmiddel (zie onderstaande figuur).

  • Vooral het versnijdingsmiddel levamisol laat tussen 2007 en 2010 een sterk stijgende trend zien en het aandeel cocaïnemonsters waarin dit middel zat bleef tot en met 2015 stabiel hoog. Opvallend is dat vanaf 2016 een daling te zien was in het aantal cocaïnemonsters dat dit versnijdingsmiddel bevatte, een trend die in 2019 leek te stagneren, maar in 2020 lag het gehalte levamisol voor het eerst onder het niveau van 2018. Ook in 2021 is het percentage cocaïnemonsters met levamisol licht gedaald.
  • In 2021 bevatte 30,9% van de als cocaïne gekochte poeders levamisol, tegenover 74,1% in 2015.
  • Het gemiddelde percentage levamisol in deze cocaïnepoeders schommelt gemiddeld genomen rond de 10%. In 2020 was de gemiddelde concentratie levamisol in cocaïnepoeders met 12,5% het hoogst in de afgelopen tien jaar, in 2021 is dit gemiddelde weer iets gedaald. Dat de gemiddelde concentratie levamisol sinds 2020 weer boven de 10% ligt is een zorgelijke ontwikkeling, omdat structureel gebruik van cocaïne met meer dan 10% levamisol een grote kans op onderdrukking van het immuunsysteem heeft.
  • Frequente gebruikers van cocaïne lopen door het gebruik van levamisol een risico op ernstige bloed- en huidziekten (zie § 4.7). Levamisol werd gebruikt bij de behandeling van kanker, maar is in 2004 in Nederland voor humaan gebruik uit de handel gehaald. Levamisol wordt nog wel voor veterinaire doeleinden toegepast als antiwormenmiddel. Er zijn verschillende mogelijke redenen waarom levamisol als versnijdingsmiddel wordt gebruikt. Het is namelijk ruim beschikbaar, het lijkt veel op cocaïne, het valt niet op bij het maken van crack, het is goedkoop, en mogelijk versterkt levamisol ook nog eens het stimulerende effect van cocaïne ​[3,4]​.
  • Naast levamisol zijn de meest voorkomende vervuilingen in cocaïne: fenacetine (6,7%), cafeïne (5,1%) en procaïne (4,5%).
  • In 2009 bevatte nog 39% van de als cocaïne gekochte poeders fenacetine. In 2021 was dit aandeel dus gedaald tot 6,7%. Fenacetine was tot 1984 als pijnstiller geregistreerd, maar het middel is vanwege mogelijk kankerverwekkende eigenschappen uit de handel genomen. De doseringen fenacetine die worden gebruikt als versnijdingsmiddel zijn echter vele malen geringer dan de therapeutische doseringen waarbij schadelijke effecten optreden. Procaïne is een stof met een lokaal verdovend effect.

Figuur 4.8.2          Percentage als cocaïne gekochte poeders met naast cocaïne ook versnijdingsmiddelenI, vanaf 2010

Aanvullende informatie

Bronnen

  1. 1.
    Vrolijk R, Smit-Rigter L. Jaarbericht 2021 Drugs Informatie en Monitoring Systeem (DIMS). Utrecht: Trimbos-instituut; 2022.
  2. 2.
    EMCDDA. European Drug Report 2021: Trends and Developments. Luxembourg: Publications Office of the European Union; 2021.
  3. 3.
    Brunt TM, Van den Berg J, Pennings EJM, Venhuis BJ. Adverse effects of levamisole in cocaine users: a review and risk assessment. Vol. 91, Archives of Toxicology. 2017. p. 2303–2313.
  4. 4.
    Kudlacek O, Hofmaier T, Luf A, Mayer FP, Stockner T, Nagy C, et al. Cocaine adulteration. Vols. 83–84, Journal of Chemical Neuroanatomy. 2017. p. 75–81.

Hoe te verwijzen

    Nationale Drug Monitor, editie 2022. . . Geraadpleegd op: . Trimbos-instituut, Utrecht & WODC, Den Haag.