HomeAlcohol11.3.2 Demografische kenmerken scholieren regulier onderwijs

11.3.2 Demografische kenmerken scholieren regulier onderwijs

Geslacht

In tegenstelling tot 2015, dronken in 2017 meer jongens dan meisjes in het voortgezet onderwijs ooit en in het laatste jaar (figuur 11.3.1). Het verschil in laatste maand gebruik was in 2017 niet statistisch significant. Het verschil in alcoholgebruik tussen jongens en meisjes is in 2019 niet meer te zien, dit geldt zowel voor ooitgebruik als voor laatste-maand-gebruik.

Leeftijd

Het percentage van de scholieren dat ervaring heeft met alcohol stijgt sterk met de leeftijd.

  • In 2019 had 21,2% van de 12-jarigen ervaring met alcohol, bij de 16-jarigen lag dit op 71,6% (figuur 11.3.2). Het percentage scholieren dat ooit in het leven dronken was geweest steeg ook met de leeftijd: 3,7% onder de 12-jarigen was wel eens dronken geweest, vergeleken met 53,1% onder de 16-jarigen ​[1]​.
  • Van de basisscholieren in groep 7/8 had in 2019 13,3% al eens alcohol gedronken; jongens (19.3%) vaker dan meisjes (7.3%). Van de 17 en 18-jarigen op het voortgezet onderwijs had 81,8% ooit alcohol gedronken. Kijkend naar de groep 12- tot 18-jarigen, heeft 49,9% wel eens alcohol gedronken.
  • Binnen de verschillende leeftijdsgroepen is geen statistisch significant verschil in ooitgebruik tussen 2017 en 2019, en ook niet tussen 2015 en 2019.
  • De eerdergenoemde daling in het ooitgebruik en laatste-maand-gebruik van alcohol in het voortgezet onderwijs sinds 2003 deed zich voor onder jongeren van alle leeftijden (figuur 11.3.2). In 2019 had op 12-jarige leeftijd een vijfde (21,2%) van de scholieren ooit een glas alcohol gedronken. In 2003 lag dat percentage ongeveer drieënhalf keer zo hoog (71,1%). Van de 14-jarigen in 2019 had 51,1% ooit alcohol gebruikt en dat is bijna de helft van 2003 (87,7%) (figuur 11.3.2). De daling onder scholieren van 15-16 jaar heeft zich later ingezet en was vooral tussen 2011 en 2015 groot.

Figuur 11.3.2        Trends in het gebruik van alcohol naar leeftijd, vanaf 2003

Schoolniveau

  • In 2019 verschilde het aandeel drinkers ooit en in de laatste maand niet significant tussen de schoolniveaus (tabel 11.3.2) ​[1]​.
  • Binge drinken (het drinken van meer dan 5 glazen bij één gelegenheid) komt vaker voor bij alcohol drinkende VMBO-b- (78,4%) en VMBO-t-leerlingen (76,7%) dan bij HAVO- (65,2%) en VWO-leerlingen (63,1%). Het drinken van meer dan 10 glazen in het weekend komt meer voor op het VMBO-t (24,3%) dan op de HAVO (14,5%). Het drinken van meer dan 20 glazen alcohol in het weekend komt meer voor op het VMBO-b (10,4%) en VBMO-t (9,1%) dan op de HAVO (3,6%) en het VWO (4,3%).
  • Naast het binge drinken en het drinken van meer dan 10 glazen op één weekenddag,  was er in 2017 ook nog verschil in alcoholgebruik in de laatste maand tussen de schoolniveaus, deze verschillen waren het grootst tussen VWO-leerlingen en VMBO-b-leerlingen. Dit laatste verschil is niet meer zichtbaar in 2019.
  • Hoewel op alle schoolniveaus het alcoholgebruik ooit in het leven tussen 2003 en 2015 significant is gedaald, is de absolute daling niet op alle schoolniveaus gelijk. De daling is het grootst op het VWO (van 88% in 2003 naar 34% in 2015) en het kleinst op het VMBO-b (van 80% in 2003 naar 48% in 2015) ​[2]​. Ook in afgelopen maand alcoholgebruik is de daling onder VWO-scholieren (van 57% naar 12%) veel groter dan op het VMBO-b (van 54% naar 31%) ​[2]​.
  • Daarbij past dat de VMBO-b-leerlingen de schadelijkheid van alcoholgebruik lager inschatten ​[2]​.
  • Er zijn geen trendanalyses naar schoolniveau over 2017 en 2019.

Tabel 11.3.2         Gebruik van alcohol onder scholieren van het voortgezet onderwijs van 12-16 jaar naar
schoolniveau. Peiljaar 2019

Migratieachtergrond

Er is een duidelijke samenhang tussen migratieachtergrond en alcoholgebruik onder scholieren, vergelijkbaar met het onderzoek Gezondheidsenquête/Leefstijlmonitor onder de algemene bevolking.

  • Van de jongeren met een Nederlandse achtergrond van 12-16 jaar dronk 30,2% in de afgelopen maand alcohol, tegenover 11,5% van de jongeren van niet-Westerse komaf (tabel 11.3.3)
  • Hoewel het percentage ooit- en laatste-maand-gebruikers van alcohol lager is onder jongeren met een niet-Westerse migratieachtergrond, is binnen de groep die wel alcohol had gedronken geen significant verschil gevonden in het aandeel binge drinken en het drinken van meer dan 10 glazen alcohol in het weekend tussen jongeren zonder migratieachtergrond en jongeren met een niet-Westerse migratieachtergrond ​[1]​.

Tabel 11.3.3         Gebruik van alcohol onder scholieren van het voortgezet onderwijs van 12-16 jaar naar
migratieachtergrondI. Peiljaar 2019

Regionale verschillen in alcoholgebruik

In 2020 is de tweede gezamenlijke Gezondheidsmonitor Jeugd van de GGD’en, GGD GHOR Nederland en het RIVM gehouden onder tweede- en vierdeklassers van het voortgezet onderwijs ​[3]​. Hierin is gevraagd naar het ooitgebruik van alcohol en het ooit dronken of aangeschoten zijn geweest.  Er zijn regionale verschillen in ooitgebruik en ooit dronken of aangeschoten zijn geweest.

  • In de regio’s Amsterdam (35,3%), Zaanstreek-Waterland (40,6%) en Haaglanden (42,4%) was het percentage ooitgebruik onder tweede- en vierdeklassers van het voortgezet onderwijs het laagst. In de regio’s  Groningen (64,2%), Hollands-Noorden (63,3%) en Friesland (63,1%) was het ooitgebruik het hoogst.
  • In de regio’s Haaglanden (16,8%), Amsterdam (17,0%) en Flevoland (17,9%) zijn jongeren het minst vaak ooit dronken of aangeschoten geweest. Het hoogste percentage jongeren dat ooit dronken of aangeschoten is geweest vinden we in Friesland (29,6%), West-Brabant (29,3%) en Zuid-Limburg (28,7%).

Aanvullende informatie

Bronnen

  1. 1.
    Rombouts M, Van Dorsselaer S, Scheffers-van Schayck T, Tuithof M, Kleinjan M, Monshouwer K. Jeugd en riskant gedrag 2019: Kerngegevens uit het Peilstationsonderzoek Scholieren. Utrecht: Trimbos-instituut; 2020.
  2. 2.
    Tuithof M, Van Dorsselaer S, Monshouwer K. Veranderingen in middelengebruik onder Nederlandse scholieren: samenhang met schoolniveau. Utrecht: Trimbos-instituut; 2017.
  3. 3.
    GGD’en en RIVM. Gezondheidsmonitor Jeugd 2019 [Internet]. 2020. Available from: http://web.archive.org/web/20200817055330/https://statline.rivm.nl/

Hoe te verwijzen

    Nationale Drug Monitor, editie 2022. . . Geraadpleegd op: . Trimbos-instituut, Utrecht & WODC, Den Haag.

Vergroot lettertype