HomeAlcohol11.3.2 Demografische kenmerken scholieren regulier onderwijs

11.3.2 Demografische kenmerken scholieren regulier onderwijs

In het kort: Er zijn nauwelijks nog verschillen in alcoholgebruik tussen jongens en meisjes van het regulier voortgezet onderwijs. Het alcoholgebruik hangt wel samen met opleidingsniveau, leeftijdsgroep, migratieachtergrond, gezinsvorm, gezinswelvaart en regio.

Snel naar:

Kerncijfers over het gebruik van middelen onder scholieren van 12 tot en met 16 jaar worden om de twee jaar alternerend verzameld via het Peilstationsonderzoek Scholieren en via de Health Behaviour in School-aged Children (HBSC)-studie. Sinds de meting van 2017 is de HBSC-studie wat betreft de steekproef vergelijkbaar met het Peilstationsonderzoek (zie bijlage B1). In 2021 werd de HBSC-studie uitgevoerd in het voortgezet onderwijs in 288 klassen en konden de gegevens worden geanalyseerd van 5733 leerlingen, waaronder 5243 scholieren van 12 tot en met 16 jaar ​[1]​. De HBSC-studie bevat minder vragen over middelengebruik dan het Peilstationsonderzoek scholieren. Daarom kan maar een deel van de gegevens geüpdatet worden naar 2021 en hebben de overige gegevens nog betrekking op 2019.

Daarnaast levert de Gezondheidsmonitor Jeugd van de GGD’en, GGD GHOR Nederland en het RIVM informatie over regionale verschillen in alcoholgebruik onder scholieren. Deze Gezondheidsmonitor is voor de tweede keer uitgevoerd in 2020 onder tweede- en vierde-klassers van het regulier voortgezet onderwijs.

Geslacht

Er zijn bijna geen verschillen in alcoholgebruik tussen jongens en meisjes in 2021. In 2017 hadden jongens vaker ooit of in het afgelopen jaar gedronken. Dat verschil zien we sinds 2019 ook niet meer.

Leeftijd

Het percentage van de scholieren dat ervaring heeft met alcohol stijgt sterk met de leeftijd.

  • In 2021 had 26,4% van de 12-jarigen ervaring met alcohol, bij de 16-jarigen lag dit op 76,0% (zie figuur in § 11.3.1). Het percentage scholieren dat ooit in het leven dronken was geweest steeg ook met de leeftijd: 3,0% onder de 12-jarigen was wel eens dronken geweest, vergeleken met 46,6% onder de 16-jarigen ​​[1]​.
  • Van de basisscholieren in groep 7/8 had in 2021 14,2% al eens alcohol gedronken; er is geen signficant verschil tussen jongens (15,7%) en meisjes (12,7%).
  • In alle leeftijdsgroepen vond tussen 2003 en 2015 een daling in het alcoholgebruik plaats (onderstaande figuur). De daling onder scholieren van 15-16 jaar heeft zich later ingezet en was vooral tussen 2011 en 2015 groot.
  • Voor de meeste leeftijdsgroepen is het alcoholgebruik sindsdien stabiel gebleven. Onder 12- en 13-jarigen lijkt het laatste-jaar-gebruik en laatste-maand-gebruik van alcohol sinds 2017 te stijgen.

Figuur 11.3.2        Trends in het gebruik van alcohol naar leeftijd, vanaf 2003

Schoolniveau

Het gebruik van alcohol hangt samen met het schoolniveau.

  • In 2021 verschilde het aandeel drinkers ooit en in de laatste maand niet significant tussen de schoolniveaus (onderstaande tabel) ​[1]​.
  • Onder de scholieren die drinken, drinken de VWO-leerlingen minder vaak veel dan HAVO- en VMBO-leerlingen: dit geldt voor zowel binge drinken (het drinken van meer dan 5 glazen bij één gelegenheid) (VMBO-b: 82,9%, VMBO-t: 78,4%, HAVO: 73,9% en VWO: 62,2%) als het drinken van meer dan 10 glazen op een weekenddag (VMBO-b: 11,2%, VMBO-t: 12,5%, HAVO: 9,5% en VWO: 3,1%).
  • Hoewel op alle schoolniveaus het alcoholgebruik ooit in het leven tussen 2003 en 2015 significant is gedaald, is de absolute daling niet op alle schoolniveaus gelijk. De daling is het grootst op het VWO (van 88% in 2003 naar 34% in 2015) en het kleinst op het VMBO-b (van 80% in 2003 naar 48% in 2015) . Ook in afgelopen maand alcoholgebruik is de daling onder VWO-scholieren (van 57% naar 12%) veel groter dan op het VMBO-b (van 54% naar 31%) ​​[2]​.
  • Daarbij past dat de VMBO-b-leerlingen de schadelijkheid van alcoholgebruik lager inschatten ​​[2]​.
  • Er zijn geen trendanalyses naar schoolniveau sinds 2017.

Tabel 11.3.2         Gebruik van alcohol onder scholieren van het voortgezet onderwijs van 12-16 jaar naar
schoolniveau. Peiljaar 2019

Migratieachtergrond

Er is een duidelijke samenhang tussen migratieachtergrond en alcoholgebruik onder scholieren, vergelijkbaar met wat we zien onder volwassen (zie § 11.2.2).

  • Onder de jongeren zonder migratieachtergrond van 12-16 jaar dronk 30,3% in de afgelopen maand alcohol, tegenover 19,7% van de jongeren met migratieachtergrond (onderstaande tabel).
  • Hoewel jongeren met een migratieachtergrond minder vaak alcohol drinken dan jongeren zonder migratieachtergrond, is onder de jongeren die alcohol drinken geen significant verschil gevonden in het aandeel binge drinken (met migratieachtergrond: 77,6%, zonder migratieachtergrond: 74,2%). Onder drinkende scholieren drinken jongeren met een migratieachtergrond juist vaker meer dan 10 glazen alcohol op een weekenddag (12,7% vs 8,8%) ​[1]​​​.

Tabel 11.3.3         Gebruik van alcohol onder scholieren van het voortgezet onderwijs van 12-16 jaar naar
migratieachtergrondI. Peiljaar 2019

Gezinswelvaart

Scholieren uit gezinnen met een hoger welvaartsniveau drinken vaker alcohol dan scholieren uit gezinnen met een welvaartsniveau uit de middengroep.

  • Scholieren uit gezinnen met een hoger welvaartsniveau hebben vaker ooit (49,9%) en in de laatste maand alcohol gedronken (30,6%) dan gezinnen uit de middengroep (44,3% en 25,1%, respectievelijk). Er is echter geen significant verschil tussen deze groepen en gezinnen met een laag welvaartsniveau (zie onderstaande tabel).
  • Er zijn geen verschillen in binge drinken en het drinken van meer dan 10 glazen alcohol op een weekenddag tussen de verschillende welvaartsniveaus (zie onderstaande tabel).

Gezinsvorm

Scholieren die niet bij beide ouders wonen drinken vaker alcohol dan scholieren die wel bij hun beide ouders wonen.

  • Scholieren die niet bij beide ouders wonen, hebben vaker ooit (55,8%) en in de laatste maand alcohol gedronken (33,6%) dan scholieren die wel bij beide ouders wonen (44,8% en 25,9%, respectievelijk).
  • Er zijn geen verschillen in binge drinken en het drinken van meer dan 10 glazen alcohol op een weekenddag tussen de verschillende gezinsvormen (zie onderstaande tabel).

Regionale verschillen in alcoholgebruik

In 2020 is de tweede gezamenlijke Gezondheidsmonitor Jeugd van de GGD’en, GGD GHOR Nederland en het RIVM gehouden onder tweede- en vierdeklassers van het voortgezet onderwijs ​[3]​. Hierin is gevraagd naar het ooitgebruik van alcohol en het ooit dronken of aangeschoten zijn geweest.  Er zijn regionale verschillen in ooitgebruik en ooit dronken of aangeschoten zijn geweest.

  • In de regio’s Amsterdam (35,3%), Zaanstreek-Waterland (40,6%) en Haaglanden (42,4%) was het percentage ooitgebruik onder tweede- en vierdeklassers van het voortgezet onderwijs het laagst. In de regio’s  Groningen (64,2%), Hollands-Noorden (63,3%) en Friesland (63,1%) was het ooitgebruik het hoogst.
  • In de regio’s Haaglanden (16,8%), Amsterdam (17,0%) en Flevoland (17,9%) zijn jongeren het minst vaak ooit dronken of aangeschoten geweest. Het hoogste percentage jongeren dat ooit dronken of aangeschoten is geweest vinden we in Friesland (29,6%), West-Brabant (29,3%) en Zuid-Limburg (28,7%).

Aanvullende informatie

Bronnen

  1. 1.
    Boer M, Van Dorsselaer S, De Looze M, De Roos S, Brons H, Van den Eijnden R, et al. HBSC 2021: Gezondheid en welzijn van jongeren in Nederland. Utrecht: Universiteit Utrecht; 2022.
  2. 2.
    Rombouts M, Van Dorsselaer S, Scheffers-van Schayck T, Tuithof M, Kleinjan M, Monshouwer K. Jeugd en riskant gedrag 2019: Kerngegevens uit het Peilstationsonderzoek Scholieren. Utrecht: Trimbos-instituut; 2020.
  3. 3.
    GGD’en en RIVM. Gezondheidsmonitor Jeugd 2019 [Internet]. 2020. Available from: http://web.archive.org/web/20200817055330/https://statline.rivm.nl/

Hoe te verwijzen

    Nationale Drug Monitor, editie 2023. . . Geraadpleegd op: . Trimbos-instituut, Utrecht & WODC, Den Haag.