HomeAlcohol11.3.6 Uitgaande jongeren en jongvolwassenen

11.3.6 Uitgaande jongeren en jongvolwassenen

Gegevensbronnen

In bepaalde groepen jongeren en jongvolwassenen komt alcoholgebruik vaker voor, zoals onder uitgaande jongeren en jongvolwassenen. De tabel onderaan deze pagina vat de resultaten samen van uiteenlopende lokale en landelijke studies onder uitgaande jongeren en jongvolwassenen. De cijfers zijn onderling niet goed vergelijkbaar vanwege verschillen in leeftijdsgroepen en methoden van onderzoek. Bovendien zijn de responspercentages in onderzoek onder uitgaande jongeren en jongvolwassenen doorgaans laag (tussen 15% en 25%) en zijn zij ‘op locatie’ of online geworven in plaats van via een representatieve steekproef uit de bevolking, waardoor een vertekening van de resultaten kan optreden. De uitkomsten geven wel een indicatie van verschillen tussen groepen uitgaanders.

De situatie is in 2020 door de coronacrisis mogelijk veranderd.  De exacte impact is nog moeilijk in te schatten. In § 11.1.2 beschrijven we bevindingen uit de meest recente onderzoeken sinds het begin van de coronacrisis in maart 2020.

Alcohol in het uitgaansleven

Het algemene beeld is dat vrijwel alle jongeren en jongvolwassenen drinken tijdens het uitgaan, dit wordt jaar op jaar door verschillende bronnen bevestigd (zie onderstaande tabel) ​[1–6]​. Hoewel in bijna elk uitgaansnetwerk alcohol wordt gedronken, hangt de mate van drinken en het type alcoholische drank dat wordt genuttigd samen met de uitgaanslocatie en soort muziek. Relatief veel gegevens over uitgaande jongeren zijn afkomstig uit Amsterdam.

Net zoals wordt gesignaleerd in de algemene volwassen bevolking, is het aandeel jongvolwassenen dat voldoet aan de norm voor ‘zwaar drinken’ relatief hoog. Daarentegen wordt gesignaleerd dat veel uitgaanders ook kiezen voor alcoholvrije (0%) drankjes. Een nieuw fenomeen onder uitgaanders is het inlassen van een alcoholvrije periode: een aantal aaneengesloten weken waarin geen alcohol wordt genuttigd ​[5]​. Veel jongeren en jongvolwassenen geven aan dat zij zelf vinden te veel of te vaak te drinken.

Uitgaanders in Nederland

In Het Grote Uitgaansonderzoek (HGU) 2020 is het middelengebruik in kaart gebracht van 4.824 uitgaande jongeren en jongvolwassenen van 16-35 jaar die in het afgelopen jaar tenminste één keer een festival of club hebben bezocht. De gegevens werden tussen 28 april en 19 mei 2020 verzameld. Om vertekening door de impact van de coronamaatregelen te voorkomen, werd aan de respondenten gevraagd naar hun middelengebruik in de periode vóór 13 maart 2020, de dag van het invoeren van de coronamaatregelen. De respondenten van deze onderzoeken vormen geen representatieve steekproef van alle uitgaande jongeren en jongvolwassenen (zie bijlage B2). Voor het vergelijken van de resultaten met die uit een eerdere peiling uit 2016 (HGU 2016 ​[7]​) zijn aanvullende analyses uitgevoerd.

In HGU 2020 is gevraagd naar de mate van alcoholgebruik en de intentie om te minderen of stoppen.

  • In 2020 had 99% van de uitgaande jongeren en jongvolwassenen in het onderzoek ooit alcohol gedronken en 98% deed dit in het afgelopen jaar. Dat is meer dan in de algemene bevolking (zie § 11.2).
  • Van degenen die in het afgelopen jaar alcohol hadden gedronken deed 83% dat wekelijks en 7% (bijna) dagelijks.
  • De hoeveelheid alcohol die tijdens het uitgaan werd gebruikt is fors: gemiddeld dronken mannen 7,9 glazen en vrouwen 5,3 glazen. Vóór het uitgaan werd nog ingedronken: mannen vooraf 6,5 glazen en vrouwen 4,8 glazen.
  • Op een niet-uitgaansdag werd er beduidend minder gedronken: mannen dronken dan gemiddeld 3,3 glazen en vrouwen 2,4 glazen.
  • In 2020 dronken meer uitgaanders wekelijks alcohol dan in 2016, maar zoals aangegeven is een precieze vergelijking lastig te maken.
  • De helft van de uitgaanders die alcohol drinken vindt dat zij te veel of te vaak drinken (51,6%) en 33,6% zou minder alcohol willen drinken. Het aandeel mensen dat zou willen stoppen met alcohol is laag: 3,6%.
  • In HGU 2020 is ook de mate van acceptatie rondom het gebruik van alcohol in kaart gebracht. De overgrote meerderheid keurt het eigen alcoholgebruik goed (81,8%). Ruim een kwart van de drinkers (26,4%) denkt dat alcoholgebruik nu minder geaccepteerd is dan 5 jaar geleden, eenzelfde deel (27,2%) denkt dat alcoholgebruik meer geaccepteerd is, en het grootste deel denkt dat het in dezelfde mate geaccepteerd wordt (45%). Dit is in tegenstelling tot cocaïne en ecstasy, waarvoor een groter deel van de gebruikers denk dat deze middelen meer geaccepteerd worden dan 5 jaar geleden.

Uitgaanders in Amsterdam en Gooi en Vechtstreek

De Amsterdamse Antenne-monitor peilt (bijna) jaarlijks het alcoholgebruik onder verschillende groepen uitgaande jongeren en jongvolwassenen ​[1,4–6,8]​. In 2018 werd een vragenlijst afgenomen onder cafébezoekers in Amsterdam ​[5]​. De survey onder cafébezoekers werd in 2018 ook afgenomen in de Gooi- en Vechtstreek (Hilversum en omstreken) ​[4]​​. Hier dronk het grootste deel van de respondenten op 1 of 2 dagen per week. In 2017 werd de survey van de Amsterdamse Antenne-monitor gehouden onder bezoekers van clubs en festivals. Ook in deze groep werd in de meeste netwerken regelmatig alcohol gedronken (zie tabel). Er werd wel een forse variatie gesignaleerd en het aantal glazen loopt sterk uiteen. Vooral mannen drinken vaak, snel en veel ​[8]​.

  • Onder Amsterdamse cafébezoekers had bijna iedereen in het laatste jaar (99,8%) en in de laatste maand (99,6%) alcohol gedronken. Een veel kleiner deel dronk dagelijks (3,3%). Wel vond meer dan de helft (60%) dat zij te veel of te vaak drinken ​[5]​.
  • Op een ‘drinkdag’ dronk het merendeel van de cafébezoekers tussen 3 en 5 glazen alcohol, met een gemiddelde van 4,4 glazen. Het gemiddeld aantal glazen op een drinkdag verschilde tussen mannen en vrouwen en tussen leeftijdsgroepen: mannen dronken meer dan vrouwen (5,9 versus 3,9 glazen). Jongere cafébezoekers (<20 jaar) dronken gemiddeld meer glazen (5,1) dan cafébezoekers tussen 25 en 29 jaar (gemiddeld 4,4 glazen) en degenen die ouder dan 30 jaar waren (gemiddeld 3,8 glazen).
  • Bijna 40% van de drinkers dronk alcohol op 3 of 4 dagen in een week ​[5]​. Bezoekers van clubs en festivals drinken bijna allemaal 1 of 2 dagen (43%) of 3 of 4 dagen (26%) per week. Een klein deel (3% van de totale groep club- en festivalbezoekers) is dagelijkse drinker ​[8]​.
  • Ruim een op de vijf cafébezoekers (21,2%) voldeed aan de voorwaarden voor ‘riskant drinken’: hier gedefinieerd als het drinken van twee (tot 19 jaar) of vier (vanaf 19 jaar) glazen alcohol op minimaal 2 dagen per week.
  • Tussen 2014 en 2018 zijn er geen significante verschillen in alcoholgebruik en gemiddeld aantal glazen per drinkavond geconstateerd ​[5]​.
  • Het gemiddeld aantal glazen op een drinkdag lag in de Gooi en Vechtstreek regio hoger (5,7) dan in Amsterdam; uitgesplitst naar geslacht waren het gemiddeld 6,7 glazen voor mannen en 4,6 voor vrouwen ​[4]​. Onder bezoekers van festival en clubs light het gemiddelde op 5 glazen op een ‘drinkdag’. Bijna de helft van de huidige drinkers (46%) vindt zelf dat zij te veel of te vaak alcohol drinken ​[8]​.
  • Ook het aandeel riskante drinkers was in de Gooi en Vechtstreek aanzienlijk hoger dan in Amsterdam: 50,3% voldeed aan de definitie die in dit onderzoek werd gehanteerd ​[4]​.
  • Alcohol wordt vaak met verschillende middelen gecombineerd. Panelleden zien verschil in de middelen waarmee alcohol wordt gecombineerd. Alcohol wordt minder of helemaal niet gedronken bij het gebruik van psychedelica zoals paddo’s, LSD en 2-CB. Een deel van de uitgaanders lijkt alcohol ook niet of minder te drinken bij het gebruik van ecstasy, GHB en ketamine. Bij het gebruik van cocaïne en amfetamine lijkt meer alcohol te worden gedronken. In sommige netwerken werd alcohol gecombineerd met slaap- en kalmeringsmiddelen ​[5]​.

Er werd ook gevraagd naar het gebruik van alcoholvrije (0%) drankjes en het houden van alcoholvrije periodes.

  • Van de cafébezoekers in Amsterdam had 58,6% wel eens alcoholvrije drankjes gedronken ter vervanging van alcohol en 18,2% had deze drankjes gebruikt als hulpmiddel om te minderen of te stoppen met drinken ​[5]​.
  • Een kwart (24,5%) had in het afgelopen jaar één alcoholvrije periode gehad en 5% deed dit twee keer. De gemiddelde duur van een alcoholvrije periode was 5,6 weken ​[5]​.
  • Volgens pannelleden is er bij een groeiende groep uitgaanders meer bewustwording over alcoholgebruik, bijvoorbeeld door het inlassen van alcoholvrije periodes ​[5,8]​. Het groeiende aanbod van dranken zonder alcohol wordt als een vooruitgang gezien, hoewel niet in alle clubs alcoholvrij bier wordt verkocht, maar wel bier met minder alcohol (2% alcohol) ​[5]​. Er lijkt sprake van een toenemende kritische blik op het eigen drinkgedrag, die mede lijkt te worden ingegeven door de huidige gezondheidstrend ​[8]​.

Uitgaanders in Den Haag

In het Haags Uitgaansonderzoek (HUO) 2019, een uitgaansonderzoek van GGD Haaglanden, is het middelengebruik van 519 uitgaande jongeren en jongvolwassenen van 15-35 jaar op vier Haagse uitgaanslocaties in kaart gebracht ​[9]​. Deze studie combineert eveneens een survey met panelinterviews met sleutelfiguren uit het Haagse uitgaansleven.

  • In 2019  hebben vrijwel alle ondervraagde uitgaanders in Den Haag en Scheveningen alcohol gedronken, 99% in het afgelopen jaar en 96% in de afgelopen maand. In 2017 was het laatste-jaar-gebruik ook hoog met 94%.
  • Panelleden constateren dat alcohol en uitgaan bij elkaar horen en er geen speciale setting of gelegenheid nodig is om alcohol te drinken, het is in vrijwel elke setting mogelijk en wordt als normaal gezien.  
  • Panelleden constateren ook dat alcohol met vrijwel alle drugs wordt gecombineerd, GHB en XTC zijn de uitzonderingen.
  • In 2017 hadden de deelnemers gemiddeld op 14-jarige leeftijd voor het eerst gedronken. Op 16-jarige leeftijd had 95% al een keer alcohol gedronken ​[10]​.
  • In 2017 dronk drie op de tien (30%) uitgaanders minstens één keer in de week 6 glazen (mannen) of 4 glazen (vrouwen) en was daarmee volgens de gangbare definitie een zware drinker ​[10]​.
  • In de verschillende ‘netwerken’ in den Haag zijn verschillende soorten alcohol populair ​[10]​. In de ene groep wordt voornamelijk bier (pils) gedronken, terwijl in meer multiculturele netwerken voornamelijk ‘luxere’ drankjes als whisky, wodka en likeur worden genuttigd. Dit komt overeen met de resultaten uit de Amsterdamse Antenne-monitor over 2017 ​[8]​.

Tabel 11.3.6          Alcoholgebruik onder uitgaande jongeren en jongvolwassenen

Keten

“Keten” of “hokken” zijn semi-particuliere (niet-commerciële) settingen waar jongeren samenkomen voor de gezelligheid en om te drinken. Ze zijn gehuisvest in schuren, (sta)caravans, kassen en op zolders. Hoeveel keten er momenteel in Nederland zijn, is onbekend, maar niet elke gemeente heeft een keet.

  • Een oudere schatting uit 2009 kwam uit op ongeveer 1500 keten in Nederland ​[11]​. Het alcoholgebruik (vooral bier) kan in de keten zeer hoog zijn ​[11]​. Naast gezondheidsrisico’s die verbonden zijn aan het overmatig alcoholgebruik, kleven aan keten ook veiligheidsrisico’s, zoals brandonveilige situaties, geluids- en afvaloverlast en soms vandalisme en vechtpartijen.
  • In een online onderzoek onder bijna 4.000 jongeren van 13-23 jaar dat in 2016 in opdracht van VWS werd uitgevoerd, bleek dat 9% van de jongeren die alcohol drinken wel eens alcohol drinkt in een keet, hok of schuur ​[12]​. Bij vrienden thuis (66%), thuis bij ouders (60%), in een kroeg of café (45%) en huisfeestjes (42%) scoren veel hoger. De keet, hok of schuur staat op de vijfde plaats in het gemiddeld aantal glazen (9,6 per bezoek) dat wordt gedronken; het meest wordt gedronken in een club of discotheek (11,2 glazen) en op huisfeestjes (10,8 glazen).
  • In het Peilstationsonderzoek 2019 onder scholieren van 12-16 jaar van het voortgezet onderwijs noemt bijna een kwart (23%) van de actuele drinkers een ‘hok, schuur of keet’ als locatie waar in de afgelopen maand een of meer keer alcohol is gedronken ​[13]​. Het meest frequent werd ‘bij anderen thuis’ als drinklocatie genoemd (41%).

Aanvullende informatie

Bronnen

  1. 1.
    Benschop A, Nabben T, Korf DJ. Antenne 2014: Trends in alcohol, tabak en drugs bij jonge Amsterdammers. Amsterdam: Rozenberg Publishers; 2015.
  2. 2.
    Beurmanjer H, De Weert G. Tendens: Trends in Wonen, Werken en Middelengebruik 2012-2013: een update [Internet]. Arnhem: IrisZorg; 2013. Available from: http://www.iriszorg.nl/sites/iriszorg.nl/files/field/attach/tendens\_2012-2013.pdf
  3. 3.
    Goossens F, Frijns T, Van Hasselt NE, Van Laar MW. Het Grote Uitgaansonderzoek 2013: uitgaanspatronen, middelengebruik en risicogedrag onder uitgaande jongeren en jongvolwassenen. Utrecht: Trimbos-instituut; 2013.
  4. 4.
    Korf DJ, Benschop A, Nabben T. Antenne Gooi en Vechtstreek 2018. Amsterdam: Hogeschool van Amsterdam/Jellinek.; 2019.
  5. 5.
    Korf DJ, Nabben T, Benschop A. Antenne 2018: Trends in alcohol, tabak en drugs bij jonge Amsterdammers. Amsterdam: Rozenberg Publishers; 2019.
  6. 6.
    Nabben T, Luijk SJ, Benschop A, Korf DJ. Antenne 2016: Trends in alcohol, tabak en drugs bij jonge Amsterdammers. Amsterdam: Rozenberg Publishers; 2017.
  7. 7.
    Monshouwer K, Van der Pol P, Drost YC, Van Laar MW. Het Grote Uitgaansonderzoek 2016: Uitgaanspatronen, middelengebruik en preventieve maatregelen onder uitgaande jongeren en jongvolwassenen [Internet]. Utrecht: Trimbos-instituut; 2016. Available from: https://www.trimbos.nl/aanbod/webwinkel/product/af1494-het-grote-uitgaansonderzoek-2016
  8. 8.
    Nabben T, Luijk SJ, Korf DJ. Antenne 2017: Trends in alcohol, tabak en drugs bij jonge Amsterdammers. Amsterdam: Rozenberg Publishers; 2018.
  9. 9.
    Van Dijk A, Van der Meer R, Gerrits N, Hastan P, Bloema F, Kronenburg L. HUO 2019/2020: Een onderzoek naar uitgaansgedrag van jongeren uit Den Haag. Den Haag: GGD Haaglanden, Productgroep Epidemiologie en Gezondheidsbevordering, Afdeling Epidemiologie; 2020.
  10. 10.
    Van Dijk M A& Keetman. HUO 2018: Een onderzoek naar uitgaansgedrag van jongeren uit Den Haag en omstreken. Den Haag: GGD Haaglanden. 2018.
  11. 11.
    STAP. Factsheet: Keten en hokken. Utrecht: STAP; 2009.
  12. 12.
    Youngworks. Onderzoek drinkgedrag jongeren. Amsterdam: Youngworks; 2016.
  13. 13.
    Rombouts M, Van Dorsselaer S, Scheffers-van Schayck T, Tuithof M, Kleinjan M, Monshouwer K. Jeugd en riskant gedrag 2019: Kerngegevens uit het Peilstationsonderzoek Scholieren. Utrecht: Trimbos-instituut; 2020.

Hoe te verwijzen

    Nationale Drug Monitor, editie 2022. . . Geraadpleegd op: . Trimbos-instituut, Utrecht & WODC, Den Haag.