HomeAlcohol11.3.5 Studenten

11.3.5 Studenten

Gegevensbronnen

Om een beeld te krijgen van het middelengebruik onder jongeren 16 t/m 18 jaar, onderzoekt het Trimbos-instituut sinds 2015 elke twee jaar het middelengebruik onder MBO- en HBO-studenten in deze leeftijdsgroep met de Middelenmonitor MBO-HBO ​[1–3]​. Deze monitor onderzocht ook het alcoholgebruik onder 16-18 jarige studenten van het MBO en het HBO. Het gaat om een landelijk onderzoek. In 2019 namen 4.167 studenten deel aan het onderzoek ​[1]​.

Daarnaast is in 2021 voor het eerst een grootschalig onderzoek verricht naar de mentale gezondheid en middelengebruik onder studenten van het hoger onderwijs (HBO en WO). Ook deze monitor zal iedere twee jaar worden uitgevoerd. Deze Monitor Mentale gezondheid en Middelengebruik Studenten hoger onderwijs is ontwikkeld en uitgevoerd door een consortium van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM), de brancheorganisatie van de Gemeentelijke Gezondheidsdiensten en Geneeskundige Hulpverleningsorganisaties in de Regio (GGD GHOR Nederland) en het Trimbos-instituut (zie bijlage B9). Deze monitor is gestart vanwege zorgen over de mentale gezondheid, het middelengebruik en de interactie tussen die twee factoren onder studenten ​[4,5]​. In 2021 namen 28.442 studenten deel, verdeeld over 15 instellingen voor hoger onderwijs ​[5]​. Het middelengebruik werd vergeleken tussen studenten in het HBO en studenten op de universiteit. De focus lag hierbij op de mate van het gebruik: overmatig drinken (meer dan 21 glazen per week voor mannen en meer dan 14 glazen per week voor vrouwen) en zwaar drinken (tenminste één keer per week 6 (mannen) of 4 (vrouwen) glazen alcohol op één dag).

Er is een zekere mate van overlap tussen de doelgroepen in deze onderzoeken, bijvoorbeeld HBO-studenten. De onderzoeken zijn door verschillen in de methode van dataverzameling en leeftijdsgroepen niet vergelijkbaar.

De cijfers over het alcoholgebruik uit deze verschillende onderzoeken zijn samengevat in de tabel onderaan de pagina.

Alcoholgebruik onder studenten

De overgrote meerderheid van de studenten drinkt alcohol. Het alcoholgebruik onder MBO- en HBO-studenten is niet significant veranderd tussen 2015 en 2019. Wel drinken MBO-studenten vaker meer dan 10 glazen op een weekenddag dan HBO studenten en leeftijdsgenoten op het voortgezet onderwijs. Er zijn aanwijzingen dat WO-studenten vaker overmatig en zwaar drinken dan HBO-studenten.

Gebruik onder studenten van het MBO en HBO

De Middelenmonitor van het MBO en het HBO gaf voor alcoholgebruik in 2015, 2017 en 2019 het volgende beeld ​[1]​:

  • Van de 16-18-jarige MBO- en HBO-studenten had in 2019 80% ooit alcohol gedronken en bijna 70% in de afgelopen maand.
  • Tussen 2015 en 2019 is het alcoholgebruik onder 16-18-jarige studenten niet significant veranderd. Na een stijging in 2017 in het drinken van meer dan 10 glazen op een weekenddag (met name bij de 16-jarigen), is dit weer terug op het niveau van 2015.
  • Jongens op het MBO en HBO (26,5%) drinken meer dan twee keer zo vaak meer dan 10 glazen op een weekenddag dan meisjes (10%).
  • 16-jarige MBO-studenten hebben vaker in de afgelopen maand (64%) alcohol gedronken dan 16-jarige scholieren in het voortgezet onderwijs (VMBO, HAVO, VWO) (53%), maar verschillen niet in ooitgebruik (respectievelijk 77% en 71,5%).
  • Onder 17-jarigen die alcohol drinken, drinken meer MBO-studenten meer dan 10 glazen op een weekenddag (21%) dan HBO-studenten (12%) of scholieren in het voortgezet onderwijs (11%). Ook onder 18-jarigen komt dit vaker voor bij MBO-studenten (22%) dan bij HBO-studenten (15%). Verder zijn er geen verschillen tussen de onderwijstypen (voortgezet onderwijs, MBO, HBO) zichtbaar.
  • Van de MBO- en HBO-studenten die alcohol drinken geeft 34% van de 16-jarigen en 39% van de 17-jarige studenten aan dit zelf wel eens te kopen.

Studenten van het HBO en de universiteit

  • De meeste studenten van het hoger onderwijs drinken alcohol: 82% in het afgelopen jaar ​[5]​.
  • Van alle studenten van het hoger onderwijs drinkt 10,6% overmatig en 16,2% zwaar.
  • HBO-studenten drinken minder vaak overmatig (9,7%) en zwaar (14,9%) dan WO-studenten (overmatig: 12,0%, zwaar: 18,1%).
  • Het aandeel dat zwaar drinkt is het hoogst onder mannelijke studenten, studenten jonger dan 25 jaar, vergeleken met studenten ouder dan 30 jaar, uitwonende studenten en Nederlandse studenten zonder migratieachtergrond.
  • Overmatig drinken komt vaker voor onder mannelijke studenten, studenten jonger dan 25 jaar, vergeleken met studenten ouder dan 30 jaar, en uitwonende studenten.
  • Overmatig alcoholgebruik hangt samen met studievertraging van meer dan één jaar en het ervaren van (heel) veel slaapproblemen.
  • Studenten met een studieschuld hoger dan €5.000 drinken vaker overmatig dan studenten die minder dan €5.000 studieschuld hebben.

Tabel 11.3.5         Percentage alcoholgebruikers onder MBO en HBO-studenten van 16-18 jaar.

Aanvullende informatie

Bronnen

  1. 1.
    Van Dorsselaer S, De Beurs D, Monshouwer K. Middelengebruik onder studenten van 16-18 jaar op het MBO en HBO 2019. Utrecht: Trimbos-instituut; 2020.
  2. 2.
    Verdurmen JE, Van Dorsselaer S, Monshouwer K. Factsheet: Middelengebruik onder studenten van 16-18 jaar op het MBO en HBO 2015. Utrecht: Trimbos-instituut; 2016.
  3. 3.
    Tuithof M, Van Dorsselaer S, Monshouwer K. Middelengebruik onder studenten van 16-18 jaar op het MBO en HBO 2017. Utrecht: Trimbos-instituut; 2018.
  4. 4.
    Dopmeijer JM, Nuijen Jasper, Busch MCM, Tak NI. Monitor Mentale gezondheid en Middelengebruik Studenten hoger onderwijs Deelrapport I Mentale gezondheid van studenten in het hoger onderwijs. Utrecht, the Netherlands: RIVM, GGD GHOR, Trimbos-instituut; 2021 p. 1–116.
  5. 5.
    Dopmeijer JM, Nuijen Jasper, Busch MCM, Tak NI. Monitor Mentale gezondheid en Middelengebruik Studenten hoger onderwijs Deelrapport II Middelengebruik van studenten in het hoger onderwijs. Utrecht, the Netherlands: RIVM, GGD GHOR, Trimbos-instituut; 2021 p. 1–123.

Hoe te verwijzen

    Nationale Drug Monitor, editie 2022. . . Geraadpleegd op: . Trimbos-instituut, Utrecht & WODC, Den Haag.