HomeNPS8.5.2 Jongeren

8.5.2 Jongeren

Gegevens over het middelengebruik bij scholieren in het regulier onderwijs van 15 en 16 jaar zijn gebaseerd op het European School Survey Project on Alcohol and Other Drugs (ESPAD), die (sinds 2003) elke 4 jaar wordt uitgevoerd. De ESPAD peilde in 2019 voor de tweede keer het gebruik van NPS onder scholieren van het middelbaar onderwijs ​[1]​ (zie § 8.3). Onderstaande tabel toont het gebruik van NPS in een aantal landen van de EU. De cijfers moeten voorzichtig worden geïnterpreteerd; jongeren hebben mogelijk de vraag naar NPS niet opgevat zoals bedoeld (zie ook § 8.3).

  • In Nederland rapporteerde 1,5% van de scholieren ervaring te hebben met NPS. Nederland ligt daarmee onder het Europese gemiddelde van 3,4%. In Estland (6,6%) en Letland (6,4%) was het ooitgebruik het hoogst; in Noord-Macedonië, Finland, en Portugal was het met rond 1% het laagst.
  • De laatste-jaar-prevalentie van NPS-gebruik in Nederland is 1,1% en ligt daarmee onder het Europese gemiddelde van 2,5%. Het laatste-jaar-gebruik was het hoogst in de Tsjechië, Letland, Estland, Polen en Monaco (4,0-4,9%); en het laagst in Noord-Macedonië, Finland en Portugal (0,4-0,8%).
  • Van alle deelnemende scholieren in Europa die in het laatste jaar NPS hadden gebruikt, meldde de meerderheid (54%) het gebruik van synthetische cannabinoïden. Slechts een paar landen rapporteerden een hoger gebruik van andere NPS dan synthetische cannabinoïden.
  • Een opvallend kenmerk van NPS-gebruikers is dat zij vaak polydrugsgebruikers zijn: 77% van de NPS-ooit-gebruikers in de EU heeft in de afgelopen maand ook minstens één keer zwaar gedronken en 88% heeft minstens één illegale drug geprobeerd. Bovendien had 84% van de NPS-gebruikers in de EU ervaring met cannabis, en 45% had ervaring met stimulerende middelen zoals amfetamine, ecstasy of cocaïne.
  • Het Europese gemiddelde ooit-gebruik van synthetische cannabinoïden was 3,1%; en daarmee hoger dan het gemiddelde ooit-gebruik van synthetische cathinonen met 1,1%. Voor Nederland zijn geen gegevens beschikbaar.
  • In veel landen rapporteren jongeren vaker het gebruik van NPS dan van sommige meer gevestigde illegale drugs, zoals ecstasy. Dat is niet het geval voor Nederland.

De resultaten van de ESPAD van 2015 zijn niet volledig vergelijkbaar met de resultaten van 2019 vanwege de verschillende responscategorieën. Met dit voorbehoud lijken de resultaten voor 2019 vergelijkbaar met die van 2015, met iets hogere waarden in 2015, toen gemiddeld 4,2% van alle scholieren ervaring had met NPS, en de laatste-jaar-prevalentie 2,9% bedroeg.

Tabel 8.5.2             Gebruik van NPS onder scholieren van 15 en 16 jaar in enkele lidstaten van de Europese Unie en Noorwegen. Peiljaar 2019

Aanvullende informatie

Bronnen

  1. 1.
    Molinaro S, Vicente J, Benedetti E, Cerrai S, Colasante E, Arpa S, et al. ESPAD report 2019: Results from the European School Survey Project on Alcohol and Other Drugs. Luxembourg: Publications Office of the European Union; 2020.

Hoe te verwijzen

    Nationale Drug Monitor, editie 2022. . . Geraadpleegd op: . Trimbos-instituut, Utrecht & WODC, Den Haag.