HomeLachgas13.2.2 Veranderingen in lachgasgebruik onder volwassenen

13.2.2 Veranderingen in lachgasgebruik onder volwassenen

Is het lachgasgebruik onder volwassenen veranderd?

In het kort: In 2024 is het gebruik van lachgas in het laatste jaar gedaald vergeleken met 2023 (van 0,9% naar 0,5%). Ook vergeleken met de eerste meting in 2018 (2,7%) is het gebruik gedaald.

Lachgasgebruik blijft dalen

In 2024 is het percentage volwassenen dat in het laatste jaar lachgas heeft gebruikt gedaald vergeleken met 2023, van 0,9% naar 0,5%. Ook vergeleken met de eerste meting in 2018 (2,7%) is het gebruik in het laatste jaar gedaald. Het gebruik van lachgas ooit in het leven is in 2024 niet veranderd vergeleken met de periode 2018-2023. Het gebruik in de laatste maand was in 2024 lager dan in de voorgaande jaren, alleen het verschil met 2023 was niet statistisch significant.

Het aantal gebruikers van lachgas in het laatste jaar in de steekproef is te klein om uitsplitsingen te maken naar geslacht, leeftijd, opleiding, herkomst en stedelijkheid. Om toch inzicht te geven in trends onder deze groepen wordt de uitsplitsing gedaan voor gebruik van lachgas ooit in het leven.

Lachgasgebruik alleen gedaald onder 18-29-jarigen en onder 30-49-jarigen gestegen

Tussen 2023 en 2024 is het gebruik van lachgas ooit in het leven niet veranderd onder mannen en vrouwen, de verschillende leeftijdsgroepen, opleidingsniveaus, herkomstgroepen en stedelijkheidsniveaus. Ook vergeleken met de eerste meting uit 2018 is in 2024 het gebruik ooit in het leven ongeveer gelijk gebleven onder zowel mannen als vrouwen, alle opleidingsniveaus en stedelijkheidsniveaus. Alleen onder 18-29-jarigen nam het lachgasgebruik ooit in het leven onder af, van 24,3% naar 20,7%. Onder 30-49-jarigen nam dit percentage juist toe, van 6,5% naar 10,7%. Onder 50-plussers bleef dit percentage ongeveer gelijk.

De gemiddelde leeftijd van lachgasgebruikers is in 2024 het hoogst sinds 2018

De gemiddelde leeftijd van volwassenen die in het laatste jaar lachgas hebben gebruikt is in 2024 30,3 jaar (SD=15,0). Dit is de hoogste gemiddelde leeftijd sinds de eerste meting in 2018 (26,5 jaar, SD=9,3). In de periode 2018 en 2023 schommelde de gemiddelde leeftijd rond de 25 jaar.

De gemiddelde leeftijd waarop laatste-jaar-gebruikers voor het eerst lachgas hebben gebruikt is tussen 2016 (21,2 jaar, SD=4,7) en 2024 (24,8 jaar, SD=10,8) iets gestegen, maar het verschil is niet statistisch significant.

Landelijke cijfers over middelengebruik onder volwassenen

Landelijke prevalentiecijfers over middelengebruik onder volwassenen worden verzameld in de Leefstijlmonitor. De Leefstijlmonitor bestaat uit meerdere bronnen. Voor drugs gaat het om de Gezondheidsenquête (GE) en de Aanvullende Module Middelen (LSM-A Middelen). Beide onderzoeken zijn representatief voor de volwassen Nederlandse bevolking. Zie voor meer informatie: Bijlage A.

De hoofdbron voor middelengebruik onder volwassenen van 18 jaar en ouder is de Gezondheidsenquête (GE). De GE wordt elk jaar uitgevoerd door het CBS. De gegevens over onder andere middelengebruik worden verzameld met een online vragenlijst of persoonlijk interview. Bij het persoonlijke interview vullen deelnemers gevoelige vragen over bijvoorbeeld drugsgebruik zelf in via een computer. Het gebruik van lachgas wordt sinds 2015 op vergelijkbare wijze uitgevraagd in de vragenlijst van de GE. In 2024 vulden 7.740 volwassenen van 18 jaar en ouder de vragenlijst van de GE in.

Verdiepende gegevens over middelengebruik komen uit de Aanvullende Module Middelen (LSM-A Middelen). De LSM-A Middelen is een aparte verdiepende vragenlijst die sinds 2016 om de twee jaar wordt uitgezet. De vragenlijsten worden meestal digitaal afgenomen, maar ook via een (telefonisch) interview. Bij het persoonlijke interview vullen deelnemers gevoelige vragen over bijvoorbeeld drugsgebruik zelf in via een computer. De LSM-A Middelen bevat naast de vragen over de middelen die in de GE worden meegenomen ook vragen over middelen zoals truffels, nieuwe psychoactieve stoffen (NPS) en psychoactieve medicatie. Daarnaast worden sommige drugs, zoals cocaïne en crack, apart uitgevraagd, terwijl deze in de GE onder één categorie vallen. Ook worden aanvullende vragen gesteld over gebruiksfrequentie, aankooplocaties, gezondheidsproblemen en hulpzoekgedrag. In 2024 vulden 10.085 volwassenen van 18 jaar en ouder de vragenlijst van de LSM-A Middelen in.

Aanvullende informatie

Hoe te verwijzen

    Nationale Drug Monitor, editie 2025. . . Geraadpleegd op: . Trimbos-instituut, Utrecht & WODC, Den Haag.