HomeLachgas13.0 Laatste feiten en trends

13.0 Laatste feiten en trends

De belangrijkste feiten en trends over lachgas zijn:

  • In 2020 heeft 2,1% in de bevolking van 18 jaar en ouder in het afgelopen jaar lachgas gebruikt. Vergeleken met 2019 nam het gebruik in het laatste-jaar en in de laatste maand af. Het ooitgebruik bleef wel op hetzelfde niveau (§ 13.2.1).
  • De prevalentie van lachgasgebruik is het hoogst onder jongeren in leeftijdsgroep 20-24 jaar en 18-19 jaar (§ 13.2.2).
  • Het gebruik van lachgas ooit in het leven onder scholieren van 12-16 jaar nam tussen 2015 en 2019 geleidelijk toe (§ 13.3.1).
  • In 2019 is er een stijging van het aantal MBO en HBO studenten dat de afgelopen maand lachgas heeft gebruikt (van 6,4% in 2017 naar 8,1% in 2019). Het ooitgebruik stabiliseerde wel (§ 13.3.3).
  • De onderzoeken naar het lachgasgebruik onder uitgaanders laten zien dat de prevalentie van het gebruik hoger ligt dan in de algemene bevolking. Het gebruik komt ook op verschillende locaties voor: in clubs, op festivals, thuis en buiten (§ 13.3.4). Onderzoek naar het lachgasgebruik onder uitgaanders tijdens de coronacrisis suggereert dat het gebruik van lachgas in deze periode is afgenomen. Of de daling blijvend is, is nog niet bekend (§ 13.1.2).
  • Het gebruik onder leerlingen van het speciaal onderwijs (cluster 4) is in 2019 hoger dan onder leerlingen van het praktijkonderwijs en VMBO-b (§ 13.3.5).
  • Er zijn indicaties dat in plaats van gebruik van losse lachgaspatronen er steeds meer gebruikt wordt gemaakt van lachgas uit grote tanks. Dit leidt soms tot een hogere dosering (meer lachgasballonnen per sessie) en frequentie van gebruik (§ 13.3.5).
  • Het NVIC registreerde tussen 2019 en 2020 weer een toename in het aantal informatieverzoeken over gezondheidsklachten na lachgasgebruik, en brengt dit in verband met chronisch en excessief gebruik van lachgas (§ 13.6.2).
  • Bij de Monitor Drugsincidenten werd in 2019 een stijging van het aantal lachgasmeldingen waargenomen, in totaal werden 114 meldingen gemaakt. Dit is 1,7% van het totaal aantal meldingen in 2019. In 2018 ging het om 51 meldingen (0,8% van het totaal) (§ 13.6.2).
  • Een toenemend aantal gemeenten stelt een verbod in op de openbare verkoop van het middel, of neemt andere maatregelen om de beschikbaarheid en het gebruik terug te dringen op basis van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) (§ 13.8.1).

Aanvullende informatie

Hoe te verwijzen

    Nationale Drug Monitor, editie 2022. . . Geraadpleegd op: . Trimbos-instituut, Utrecht & WODC, Den Haag.

Vergroot lettertype