HomeSlaap- en kalmeringsmiddelen10.3.3 Studenten

10.3.3 Studenten

Om een beeld te krijgen van het middelengebruik onder jongeren van 16 t/m 18 jaar, onderzoekt het Trimbos-instituut sinds 2015 elke twee jaar het middelengebruik onder MBO- en HBO-studenten in deze leeftijdsgroep met de Middelenmonitor MBO-HBO . In deze monitor wordt het gebruik van slaap- en kalmeringsmiddelen niet uitgevraagd.

Daarnaast is in 2021 voor het eerst een grootschalig onderzoek verricht naar de mentale gezondheid en middelengebruik onder studenten van het hoger onderwijs (HBO en WO). Ook deze monitor zal iedere twee jaar worden uitgevoerd. Deze Monitor Mentale gezondheid en Middelengebruik Studenten hoger onderwijs is ontwikkeld en uitgevoerd door een consortium van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM), de brancheorganisatie van de Gemeentelijke Gezondheidsdiensten en Geneeskundige Hulpverleningsorganisaties in de Regio (GGD GHOR Nederland) en het Trimbos-instituut (zie bijlage B9). Deze monitor is gestart vanwege zorgen over de mentale gezondheid, het middelengebruik en de interactie tussen die twee factoren onder studenten . In 2022 namen 28.442 studenten deel, verdeeld over 15 instellingen voor hoger onderwijs . Het middelengebruik werd vergeleken tussen studenten in het HBO en studenten op de universiteit.

De cijfers over het oneigenlijk gebruik van slaap- en kalmeringsmiddelen onder studenten van het HBO en het WO zijn samengevat in de tabel onderaan deze pagina.

Oneigenlijk gebruik van slaap- en kalmeringsmiddelen onder studenten

De Monitor Mentale gezondheid en Middelengebruik Studenten hoger onderwijs gaf het volgende beeld ​[1]​:

  • Van de studenten van het HBO en de universiteit samengenomen had 4,5% in het afgelopen jaar slaap- of kalmeringsmiddelen oneigenlijk gebruikt, dat wil zeggen zonder recept van een arts. Er werd hierin geen statistisch significant verschil gevonden tussen studenten van het HBO (4,6%) en de universiteit (4,3%).
  • Vrouwelijke studenten van het HBO en de universiteit samengenomen hadden vaker in het afgelopen jaar oneigenlijk slaap- of kalmeringsmiddelen gebruikt zonder recept van een arts vergeleken met de mannelijke studenten, 5,2% bij de vrouwen tegenover 3,7% van de mannen.
  • Het oneigenlijk gebruik van slaap- en kalmeringsmiddelen kwam vaker voor onder studenten tussen de 26 en 29 jaar (5,7%) vergeleken met studenten tussen de 16 en 21 jaar (3,9%).
  • Het gebruik lag onder internationale studenten (6,0%) hoger dan onder Nederlandse studenten zonder migratieachtergrond (4,3%).
  • Het gebruik van slaap- en kalmeringsmiddelen lag hoger onder studenten die zich als LHBTQ+ omschrijven (6,5%) dan studenten die zich niet als LHBTQ+ omschrijven (4,1%).
  • Het gebruik onder studenten met belemmerende concentratie-, lees- of rekenproblemen (7,3%) lag hoger dan onder studenten die geen belemmerende problemen ondervinden (4,3%).
  • Ook onder studenten die een belemmerde psychische aandoening (9,7%) hadden ligt het oneigenlijk gebruik van slaap- en kalmeringsmiddelen hoger dan onder studenten die geen belemmerende psychische aandoeningen hadden (4,0%).

Percentage studenten dat oneigenlijk had gebruikt. Oneigenlijk gebruik is het gebruik van slaap- en kalmeringsmiddelen (zoals Temazepam, Oxazepam, Valium en Seresta) zonder doktersvoorschrift. I. Alle HBO- en WO-studenten die ouder waren dan 16 jaar werden geïncludeerd in dit onderzoek. – = Gegevens zijn onbekend. Bron: Monitor Mentale Gezondheid en Middelengebruik Studenten hoger onderwijs.

Aanvullende informatie

Bronnen

  1. 1.
    Dopmeijer JM, Nuijen J, Busch MCM, Tak NI. Monitor Mentale gezondheid en Middelengebruik Studenten hoger onderwijs: Deelrapport II: Middelengebruik van studenten in het hoger onderwijs. Utrecht: RIVM, GGD GHOR, Trimbos-instituut; 2021.

Hoe te verwijzen

    Nationale Drug Monitor, editie 2022. . . Geraadpleegd op: . Trimbos-instituut, Utrecht & WODC, Den Haag.