HomeTabak12.3.5 Studenten

12.3.5 Studenten

In het kort: Deze onderzoeken laten zien dat tussen 2015 en 2019 het percentage rokers daalde onder 16-18 jarige studenten van het MBO en het HBO. Onder de 16-18 jarige studenten van het MBO en het HBO lag in 2019 het percentage rokers hoger dan onder de 16-jarige scholieren van het voortgezet onderwijs (zie § 12.3), maar het percentage rokers neemt dan ook toe met de leeftijd. Dagelijks roken komt minder vaak voor bij studenten van de universiteit vergeleken met studenten van het HBO.

Snel naar:

Om een beeld te krijgen van het middelengebruik onder jongeren van 16 t/m 18 jaar, onderzoekt het Trimbos-instituut sinds 2015 elke twee jaar het middelengebruik onder MBO- en HBO-studenten in deze leeftijdsgroep met de Middelenmonitor MBO-HBO ​[1–3]​. Deze monitor onderzocht ook het roken onder 16-18 jarige studenten van het MBO en het HBO. Het gaat om een landelijk onderzoek. In 2019 namen 4.167 studenten deel aan het onderzoek ​[3]​.

Daarnaast is in 2021 voor het eerst een grootschalig onderzoek verricht naar de mentale gezondheid en middelengebruik onder studenten van het hoger onderwijs (HBO en WO). Ook deze monitor zal iedere twee jaar worden uitgevoerd. Deze Monitor Mentale Gezondheid en Middelengebruik Studenten hoger onderwijs is ontwikkeld en uitgevoerd door een consortium van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM), de brancheorganisatie van de Gemeentelijke Gezondheidsdiensten en Geneeskundige Hulpverleningsorganisaties in de Regio (GGD GHOR Nederland) en het Trimbos-instituut (zie bijlage B9). Deze monitor is gestart vanwege zorgen over de mentale gezondheid, het middelengebruik en de interactie tussen die twee factoren onder studenten ​[4]​. In 2021 namen 28.442 studenten deel, verdeeld over 15 instellingen voor hoger onderwijs ​[5]​. Het middelengebruik werd vergeleken tussen studenten in het HBO en studenten op de universiteit.

Er is een zekere mate van overlap tussen de doelgroepen in deze onderzoeken, bijvoorbeeld HBO-studenten. De onderzoeken zijn door verschillen in de methode van dataverzameling en leeftijdsgroepen niet vergelijkbaar.

De cijfers over het roken uit deze verschillende onderzoeken zijn samengevat in de tabel onderaan deze pagina.

Studenten van het MBO en HBO

De Middelenmonitor MBO-HBO gaf voor het roken in 2015, 2017 en 2019 het volgende beeld ​[3]​:

  • Het percentage dat ooit had gerookt lag in 2015 op 54,0% en daalde tussen 2017 en 2019 statistisch significant van 51,0% naar 45,1%. Hetzelfde patroon deed zich voor bij het roken in de afgelopen maand en het dagelijks roken. Het roken in de afgelopen maand lag in 2015 op 32,9% en daalde tussen 2017 en 2019 statistisch significant van 31,2% naar 25,1%. Het dagelijks roken lag in 2015 op 17,9% en daalde tussen 2017 en 2019 statistisch significant van 16,9% naar 11,0%.
  • Het ooitgebruik van de e-sigaret daalde tussen 2017 en 2019 statistisch significant van 44% naar 38%. Het percentage dat wel eens de e-sigaret gebruikte daalde statistisch significant van 12% naar 8%.
  • Het percentage dat ooit de waterpijp had gebruikt daalde tussen 2015 en 2019 statistisch significant van 57% naar 42%. Het percentage dat in de afgelopen maand nog de waterpijp had gebruikt daalde in deze periode statistisch significant van 14% in 2015 naar 10% in 2019.
  • Tussen jongens en meisjes werden in 2019 statistisch significante verschillen gevonden in zowel het dagelijks roken (jongens 13%, meisjes 9%), als het ooitgebruik van de e-sigaret (jongens 41%, meisjes 36%), het nog steeds wel eens gebruiken van de e-sigaret (jongens 11%, meisjes 6%), het ooitgebruik van heat-not-burn producten (jongens 6%, meisjes 4%), het ooitgebruik van de waterpijp (jongens 46%, meisjes 38%) en het gebruik van de waterpijp in de afgelopen maand (jongens 13%, meisjes 8%).
  • Het roken stijgt met de leeftijd. Het percentage dat ooit had gerookt in 2019 steeg op het MBO van 45% onder de 17-jarigen naar 51% onder de 18-jarigen. Op het HBO steeg dit percentage van 39% onder de 17-jarigen naar 47% onder de 18-jarigen. Tussen deze leeftijdsgroepen steeg het dagelijks roken op het MBO van 11% naar 16% en op het HBO van 3% naar 7%.
  • Op het MBO lagen in 2019 de rookpercentages hoger dan op het HBO. Van de 17-jarigen had op het MBO 45% ooit gerookt vergeleken met 39% op het HBO en van de 18-jarigen had 51% ooit gerookt op het MBO vergeleken met 47% op het HBO. Van de 17-jarigen had op het MBO 11% dagelijks gerookt vergeleken met 3% op het HBO en van de 18-jarigen had 16% op het MBO dagelijks gerookt vergeleken met 7% op het HBO.

Studenten van het HBO en de universiteit

  • Van de studenten van het HBO en de universiteit samengenomen rookte 8% dagelijks, 7% rookte regelmatig maar niet elke dag, 15% had een enkele keer gerookt en 69% rookte niet.
  • Het percentage dagelijkse rokers lag hoger op het HBO (9,5%) vergeleken met de universiteit (5,7%).
  • Onder de studenten van 22-25 jaar en 26-29 jaar lag het percentage dagelijkse rokers het hoogst (respectievelijk 9,3% en 12,2%).
  • Studenten die zelfstandig wonen (9,8%) rookten vaker dagelijks dan studenten die bij hun ouders wonen (5,0%).
  • Het dagelijkse gebruik van tabak ligt hoger onder internationale studenten (11,6%) dan onder Nederlandse studenten met (6,8%) of zonder (7,9%) migratieachtergrond.
  • Studenten met een belemmerende psychische stoornis (11,9%) roken vaker dagelijks dan studenten zonder een belemmerende psychische stoornis (7,1%).
  • Studenten die een bèta-opleiding volgen (5,3%) roken minder vaak dagelijks dan studenten die geen bèta-opleiding volgen (8,5%).

Aanvullende informatie

Bronnen

  1. 1.
    Verdurmen JE, Van Dorsselaer S, Monshouwer K. Factsheet: Middelengebruik onder studenten van 16-18 jaar op het MBO en HBO 2015. Utrecht: Trimbos-instituut; 2016.
  2. 2.
    Tuithof M, Van Dorsselaer S, Monshouwer K. Middelengebruik onder studenten van 16-18 jaar op het MBO en HBO 2017. Utrecht: Trimbos-instituut; 2018.
  3. 3.
    Van Dorsselaer S, De Beurs D, Monshouwer K. Middelengebruik onder studenten van 16-18 jaar op het MBO en HBO 2019. Utrecht: Trimbos-instituut; 2020.
  4. 4.
    Dopmeijer JM, Nuijen Jasper, Busch MCM, Tak NI. Monitor Mentale gezondheid en Middelengebruik Studenten hoger onderwijs: Deelrapport I: Mentale gezondheid van studenten in het hoger onderwijs. Utrecht: RIVM, GGD GHOR, Trimbos-instituut; 2021.
  5. 5.
    Dopmeijer JM, Nuijen J, Busch MCM, Tak NI. Monitor Mentale gezondheid en Middelengebruik Studenten hoger onderwijs: Deelrapport II: Middelengebruik van studenten in het hoger onderwijs. Utrecht: RIVM, GGD GHOR, Trimbos-instituut; 2021.

Hoe te verwijzen

    Nationale Drug Monitor, editie 2022. . . Geraadpleegd op: . Trimbos-instituut, Utrecht & WODC, Den Haag.