Home ❯ Alcohol ❯ 11.2 Gebruik: volwassenen

11.2 Gebruik: volwassenen

11.2.1 Alcoholgebruik onder volwassenen

Hoeveel volwassenen drinken alcohol?

In het kort: In 2025 had ruim driekwart (76,2%) van de volwassenen in het laatste jaar weleens alcohol gedronken. 46,4% dronk niet of maximaal één glas alcohol per dag. Ruim één op de twintig (5,5%) Nederlandse volwassenen dronk overmatig alcohol. Daarnaast dronk 6,7% van de volwassenen zwaar. Vooral vrouwen, 75-plussers, volwassenen met een opleiding in het basisonderwijs, lbo, mavo, vmbo of mbo niveau 1, volwassenen met een herkomst buiten Europa en volwassenen in (zeer) sterk stedelijke gebieden drinken niet of maximaal 1 glas per dag. Overmatig drinken was het hoogst onder mannen, 20-24-jarigen en volwassenen met een Europese herkomst (incl. Nederland). Zwaar drinken was het hoogst onder mannen, 18-24-jarigen en volwassenen met een Nederlandse herkomst.

Snel naar:
Weleens drinken en drinken volgens het advies van de Gezondheidsraad
Overmatig en zwaar drinken

Ruim driekwart van de volwassenen drinkt weleens alcohol

In 2025 had ruim driekwart (76,2%) van de Nederlandse volwassenen van 18 jaar en ouder in het laatste jaar weleens alcohol gedronken. Dat komt neer op ongeveer 11 miljoen volwassenen. Bijna de helft van de volwassenen dronk niet (23,8%) of maximaal één glas per dag (22,6%). In totaal dronk dus 46,4% niet of maximaal één glas per dag.

Meer mannen dan vrouwen drinken alcohol

Het percentage volwassenen dat in 2025 weleens alcohol dronk, lag hoger onder mannen (82,4%) dan onder vrouwen (70,2%). Ook dronken meer vrouwen (55,8%) dan mannen (36,9%) geen alcohol of maximaal één glas per dag.

Alcoholgebruik komt het meest voor onder 20-24-jarigen

Het percentage volwassenen dat in 2025 weleens alcohol dronk, was over het algemeen iets hoger onder 20-24-jarigen (83,4%) dan onder de andere leeftijdsgroepen, maar het verschil met 25-29-jarigen (81,1%) en 30-39-jarigen (79,9%) is niet statistisch significant. Het percentage volwassenen dat geen alcohol of maximaal één glas per dag dronk was het hoogst onder 75-plussers (65,2%).

Alcoholgebruik komt het vaakst voor onder hbo- en universitair opgeleiden

Het percentage volwassenen dat in 2025 weleens alcohol dronk, was het hoogst onder volwassenen met een hbo- of universitaire opleiding (84,2%) en het laagst onder volwassenen met een opleiding op basisonderwijs-, lbo-, mavo-, vmbo- of mbo 1-niveau (62,6%). Ook was het percentage volwassenen dat geen alcohol of maximaal één glas per dag dronk het hoogst onder volwassenen met een opleiding op basisonderwijs-, lbo-, mavo-, vmbo- of mbo 1-niveau (60,2%) en het laagst onder volwassenen met een hbo- of universitaire opleiding (39,1%).

Alcoholgebruik komt het vaakst voor onder volwassenen met een Nederlandse herkomst

Het percentage volwassenen dat in 2025 weleens alcohol dronk, was het hoogst onder volwassenen met een Nederlandse (81,0%) en het laagst onder volwassenen met een herkomst buiten Europa (55,4%). Het percentage volwassenen dat geen alcohol of maximaal één glas per dag dronk was het hoogst onder volwassenen met een herkomst buiten Europa (62,3%) en het laagst onder volwassenen met een Nederlandse herkomst (42,4%).  

Het drinken van geen alcohol verschilt weinig naar stedelijkheid

Het percentage volwassenen dat in 2025 weleens alcohol dronk, verschilde niet tussen volwassenen die wonen in (zeer) sterk stedelijke gebieden, matig stedelijke gebieden en weinig of niet-stedelijke gebieden. Het percentage volwassenen dat geen alcohol of maximaal één glas per dag dronk, was hoger in (zeer) sterk stedelijke gebieden dan in weinig of niet-stedelijke gebieden. Matig stedelijke gebieden verschilden niet statistisch significant van de andere stedelijkheidsniveaus.

Alcoholgebruik verschilt per regio

Ook regionaal zijn er verschillen in alcoholgebruik. Uit de Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2024 blijkt dat het aandeel volwassenen dat niet drinkt of maximaal één glas alcohol per dag drinkt varieert van 40,0% in GGD-regio Hart voor Brabant tot 52,7% in GGD-regio Flevoland. Het percentage volwassenen dat in de afgelopen twaalf maanden alcohol heeft gedronken varieert van 72,5% in GGD-regio Rotterdam-Rijnmond tot 81,0% in GGD-regio Gooi en Vechtstreek ​[1]​.

Regionale verschillen zijn ook zichtbaar onder jongvolwassenen (16-25 jaar). Volgens de Gezondheidsmonitor Jongvolwassenen 2024 varieert het aandeel dat niet drinkt of maximaal één glas alcohol per dag drinkt van 33,9% in GGD-regio Twente tot 54,5% in GGD-regio Flevoland. Het percentage jongvolwassenen dat weleens alcohol drinkt loopt uiteen van 76,6% in GGD-regio Flevoland tot 88,1% in GGD-regio Groningen ​[2]​.

Ruim één op de twintig volwassenen drinkt overmatig en 6,7% is een zware drinker

In 2025 dronk ruim één op de twintig (5,5%) Nederlandse volwassenen van 18 jaar en ouder overmatig alcohol. Daarnaast dronk 6,7% van de volwassenen zwaar. Dat komt neer op 790 duizend volwassenen die overmatig dronken en 960 duizend volwassenen die zwaar dronken.

Er is overlap tussen deze groepen; 3,4% van de volwassen Nederlanders (490 duizend volwassenen) dronk overmatig én zwaar. Daarnaast dronk 5,3% (760 duizend volwassenen) overmatig óf zwaar.

Meer mannen dan vrouwen drinken overmatig of zwaar

Het percentage volwassenen dat in 2025 overmatig dronk is hoger onder mannen (7,4%) dan onder vrouwen (3,7%). Dit geldt ook voor zwaar drinken.

Jongvolwassenen drinken relatief vaak overmatig of zwaar

Het percentage volwassenen dat in 2025 overmatig dronk is hoger onder 20-24-jarigen (11,2%) dan onder de andere leeftijdsgroepen, alleen het verschil met 18-19-jarigen (9,8%) is niet statistisch significant. Zwaar drinken was hoger onder 18-19-jarigen en 20-24-jarigen dan onder de andere leeftijdsgroepen. Onder 75-plussers was dit percentage het laagst (2,7%).

Geen verschillen in overmatig of zwaar drinken tussen verschillende opleidingsniveaus

Er waren in 2025 geen verschillen in overmatig drinken tussen de verschillende opleidingsniveaus. Ook zwaar drinken verschilde niet tussen de opleidingsniveaus.

Volwassenen met een Europese herkomst (incl. NL) drinken het vaakst overmatig; volwassenen met een Nederlandse herkomst drinken vaker zwaar

Het percentage volwassenen dat in 2025 overmatig dronk was hoger onder volwassenen met een Nederlandse (6,2%) of Europese herkomst (excl. NL) (5,2%) dan onder volwassenen met een herkomst buiten Europa (2,5%). Zwaar drinken was hoger onder volwassenen met een Nederlandse herkomst (7,6%) dan onder volwassenen met een herkomst buiten Europa (3,7%). Het percentage volwassenen met een Europese herkomst (excl. NL) zat hier tussenin, maar verschilde niet statistisch significant van de andere herkomstgroepen.

Geen verschillen in overmatig en zwaar drinken naar stedelijkheid

Het percentage volwassenen dat in 2025 overmatig dronk verschilde niet tussen de verschillende stedelijkheidsniveaus. Dit geldt ook voor zwaar drinken.

Overmatig en zwaar drinken verschilt per regio

Uit de Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen uit 2024 blijkt dat er regionale verschillen zijn in het overmatig en zwaar drinken onder volwassenen van 18 jaar en ouder ​[1]​. Per GGD-regio varieerde het percentage overmatig drinkers van 3,4% (GGD-regio Flevoland) tot 7,4% (GGD-regio Amsterdam). Zwaar drinken varieerde van 6,1% (GGD-regio Flevoland) tot 11,4% (GGD-regio Twente). 

Uit de Gezondheidsmonitor Jongvolwassenen uit 2024 blijkt dat er ook regionale verschillen zijn in het gebruik van alcohol in de leeftijdsgroep 16-25 jaar ​[2]​. Per GGD-regio varieerde het percentage zware drinkers van 13,2% (GGD-regio Flevoland) tot 29,0% (GGD-regio Twente). Overmatig drinken is niet uitgevraagd in dit onderzoek.

Meer cijfers of verdiepende informatie?

Zie het cijferdossier van het Expertisecentrum Alcohol voor meer cijfers en verdiepende informatie over alcoholgebruik.

Landelijke cijfers over middelengebruik onder volwassenen

Landelijke prevalentiecijfers over middelengebruik onder volwassenen worden verzameld in de Leefstijlmonitor. De Leefstijlmonitor bestaat uit meerdere bronnen. Voor drugs gaat het om de Gezondheidsenquête (GE) en de Aanvullende Module Middelen (LSM-A Middelen). Beide onderzoeken zijn representatief voor de volwassen Nederlandse bevolking. Zie voor meer informatie: Bijlage A.

De hoofdbron voor middelengebruik onder volwassenen van 18 jaar en ouder is de Gezondheidsenquête (GE). De GE wordt elk jaar uitgevoerd door het CBS. De gegevens over onder andere middelengebruik worden verzameld met een online vragenlijst of persoonlijk interview. Bij het persoonlijke interview vullen deelnemers gevoelige vragen over bijvoorbeeld drugsgebruik zelf in via een computer. Het gebruik van alcohol wordt sinds 2014 op vergelijkbare wijze uitgevraagd in de vragenlijst van de GE. In 2025 vulden 7.891 volwassenen van 18 jaar en ouder de vragenlijst van de GE in.

Verdiepende gegevens over middelengebruik komen uit de Aanvullende Module Middelen (LSM-A Middelen). De LSM-A Middelen is een aparte verdiepende vragenlijst die sinds 2016 om de twee jaar wordt uitgezet. In 2024 vulden 10.085 volwassenen van 18 jaar en ouder de vragenlijst van de LSM-A Middelen in.

Regionale cijfers

Naast de landelijke cijfers uit de Leefstijlmonitor zijn er ook regionale cijfers over alcoholgebruik beschikbaar uit de GGD Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen ​[1]​ en uit de Gezondheidsmonitor Jongvolwassenen ​[2]​. De meest recente gegevens komen uit van de Gezondheidsmonitor Jongvolwassenen uit 2024, toen meer dan 135.000 jongvolwassenen tussen de 16 en 25 jaar de vragenlijst invulden. In tegenstelling tot 2022 werd er in 2024 geen steekproef getrokken; de vragenlijst was via een open link beschikbaar en respondenten werden vooral geworven via sociale media. De resultaten zijn gestandaardiseerd naar GGD-regio, leeftijd en gender om representativiteit te verbeteren, maar de wervingsmethode kan mogelijk leiden tot een oververtegenwoordiging van jongvolwassenen met een slechtere (mentale) gezondheid. Deze cijfers zijn door verschillen in de vraagstelling en leeftijdsgroep niet direct vergelijkbaar met de cijfers uit de GE of de LSM-A Middelen, maar bieden wel inzicht in regionale verschillen in middelengebruik onder 16-25-jarigen.

Aanvullende informatie

Bronnen

  1. 1.
    Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2024. GGD-en, in samenwerking met RIVM en CBS; 2025.
  2. 2.
    GGD’en, RIVM. Gezondheidsmonitor Jongvolwassenen 2024. https://www.monitorgezondheid.nl/gezondheidsmonitor-jongvolwassenen/2024. 2025.

Hoe te verwijzen

    Nationale Drug Monitor, editie 2026. . . Geraadpleegd op: . Trimbos-instituut, Utrecht & WODC, Den Haag.