Home ❯ Tabak ❯ 12.2.2 Veranderingen in roken onder volwassenen

12.2.2 Veranderingen in roken onder volwassenen

Is het percentage volwassenen dat rookt veranderd?

In het kort: In 2025 is het percentage volwassenen dat weleens rookt niet veranderd in vergelijking met de vorige meting in 2024. Hetzelfde geldt voor het percentage volwassenen dat dagelijks rookt. Vergeleken met de eerste meting in 2014 is het percentage rokers en dagelijks rokers wel gedaald.

Roken op lange termijn gedaald

In 2025 is het percentage volwassenen dat weleens rookt niet veranderd in vergelijking met de vorige meting in 2024. Vergeleken met de eerste meting in 2014 is het percentage in 2025 wel lager. Hetzelfde geldt voor het percentage volwassenen dat dagelijks rookt.

Roken is onder zowel mannen als vrouwen sinds de vorige meting niet veranderd, op lange termijn wel gedaald

In 2025 is het percentage volwassenen dat weleens rookt onder zowel mannen als vrouwen niet veranderd in vergelijking met de vorige meting in 2024. Vergeleken met de eerste meting in 2014 is het percentage in 2025 wel lager onder zowel mannen als vrouwen.

Roken is onder alle leeftijdsgroepen sinds de vorige meting niet veranderd, op lange termijn wel gedaald

In 2025 is het percentage volwassenen dat weleens rookt onder alle leeftijdsgroepen niet veranderd in vergelijking met de vorige meting in 2024. Vergeleken met de eerste meting 2014 is het percentage wel gedaald onder alle leeftijdsgroepen, behalve onder de 75-plussers. In die leeftijdsgroep was het percentage dat rookt in 2025 op ongeveer hetzelfde niveau als in 2014.

Roken is onder alle opleidingsniveaus sinds de vorige meting niet veranderd, op lange termijn wel gedaald

In 2025 is het percentage volwassenen dat weleens rookt onder alle opleidingsniveaus niet veranderd in vergelijking met de vorige meting in 2024. Vergeleken met de eerste meting in 2014 is het percentage wel gedaald onder alle opleidingsniveaus.

Roken is alleen gedaald onder volwassenen met een herkomst buiten Europa

Het percentage volwassenen dat weleens rookt daalde onder volwassenen met een herkomst buiten Europa van 23,0% in 2024 naar 19,3% in 2025. Ook vergeleken met 2022 lag het gebruik in 2025 lager. In de andere herkomstgroepen bleef het gebruik ongeveer gelijk.

Sinds 2022 hanteert het CBS een nieuwe indeling naar herkomst, er zijn daarom geen trendgegevens beschikbaar tussen 2014 en 2022.

Roken is onder volwassenen in alle stedelijkheidsniveaus sinds de vorige meting niet veranderd, op lange termijn wel gedaald

In 2025 is het percentage volwassenen dat weleens rookt onder alle stedelijkheidsniveaus niet veranderd in vergelijking met de vorige meting in 2024. Vergeleken met de eerste meting in 2014 is het percentage wel gedaald onder alle stedelijkheidsniveaus.

Landelijke cijfers over middelengebruik onder volwassenen

Landelijke prevalentiecijfers over middelengebruik onder volwassenen worden verzameld in de Leefstijlmonitor. De Leefstijlmonitor bestaat uit meerdere bronnen. Voor drugs gaat het om de Gezondheidsenquête (GE) en de Aanvullende Module Middelen (LSM-A Middelen) Beide onderzoeken zijn representatief voor de volwassen Nederlandse bevolking. Zie voor meer informatie: Bijlage A.

De hoofdbron voor middelengebruik onder volwassenen van 18 jaar en ouder is de Gezondheidsenquête (GE). De GE wordt elk jaar uitgevoerd door het CBS. De gegevens over onder andere middelengebruik worden verzameld met een online vragenlijst of persoonlijk interview. Bij het persoonlijke interview vullen deelnemers gevoelige vragen over bijvoorbeeld drugsgebruik zelf in via een computer. Roken wordt sinds 2014 op vergelijkbare wijze uitgevraagd in de vragenlijst van de GE. In 2025 vulden 7.891 volwassenen van 18 jaar en ouder de vragenlijst van de GE in.

Verdiepende gegevens over middelengebruik komen uit de Aanvullende Module Middelen (LSM-A Middelen). De LSM-A Middelen is een aparte verdiepende vragenlijst die sinds 2016 om de twee jaar wordt uitgezet. De vragenlijsten worden meestal digitaal afgenomen, maar ook via een (telefonisch) interview. Bij het persoonlijke interview vullen deelnemers gevoelige vragen over bijvoorbeeld drugsgebruik zelf in via een computer. De LSM-A Middelen bevat naast de vragen over de middelen die in de GE worden meegenomen ook vragen over middelen zoals truffels, nieuwe psychoactieve stoffen (NPS) en psychoactieve medicatie. Daarnaast worden sommige drugs, zoals cocaïne en crack, apart uitgevraagd, terwijl deze in de GE onder één categorie vallen. Ook worden aanvullende vragen gesteld over gebruiksfrequentie, aankooplocaties, gezondheidsproblemen en hulpzoekgedrag. In 2024 vulden 10.085 volwassenen van 18 jaar en ouder de vragenlijst van de LSM-A Middelen in.

Aanvullende informatie

Hoe te verwijzen

    Nationale Drug Monitor, editie 2026. . . Geraadpleegd op: . Trimbos-instituut, Utrecht & WODC, Den Haag.