HomeWetgeving en beleid2.3 Alcohol

2.3 Alcohol

Het voorkomen en terugdringen van problematisch alcoholgebruik vormt één van de speerpunten van het volksgezondheidsbeleid, uitgewerkt in het Nationaal Preventieakkoord (NPA) ​[1]​. In Nederland zijn er verschillende (nationale) wettelijke kaders die direct invloed hebben op het nationale alcoholbeleid:

  • De Alcoholwet (voorheen de Drank- en Horecawet);
  • De Wegenverkeerswet: voor straffen voor het rijden onder invloed van alcohol (zie § 2.3.2);
  • De Mediawet: voor de regulering van alcoholreclame en -marketing op de radio, de televisie en in de gedrukte media (zie § 2.3.3);
  • Accijnsheffing op alcoholhoudende dranken (door het Ministerie van Financiën) (zie § 11.8.2).

Andere belangrijke beleidsinstrumenten zijn preventie, voorlichting en verslavingszorg. In het Nationaal Preventieakkoord Problematisch Alcoholgebruik zijn concrete doelstellingen en acties afgesproken om problematisch alcoholgebruik terug te dringen in samenwerking met vele verschillende partijen (zie § 2.3.4).

Onder problematisch alcoholgebruik wordt verstaan in het NPA ​[1]​:

1) al het alcoholgebruik door jongeren onder de 18 jaar;
2) al het alcoholgebruik door zwangere vrouwen;
3) overmatig drinken: meer dan 14 glazen per week voor vrouwen en 21 voor mannen;
4) zwaar drinken: minstens één keer per week 4 glazen voor vrouwen en 6 voor mannen op één gelegenheid;
5) regelmatig binge drinken:  minstens 5 glazen bij één gelegenheid minstens 1 keer per maand; en
6) een drinkpatroon dat leidt tot lichamelijke klachten en/of psychische of sociale problemen en dat een adequate aanpak van bestaande problemen verhindert.

De belangrijkste wettelijke kaders en het beleid dat eruit voortvloeit worden hier kort beschreven. De tekst bevat steeds de meest recente ontwikkelingen. 

2.3.1 Wettelijke kaders en beleid alcohol: Alcoholwet

Op 1 juli 2021 is de Alcoholwet ​[2]​ in werking getreden, die de Drank- en Horecawet (DHW) heeft vervangen ​[3]​. De volgende wijzigingen zijn in de Alcoholwet, voor verkopers van alcohol en voor particulieren, in werking getreden ​[4]​:

  • Verbod op bepaalde prijsacties. Prijsacties op alcoholhoudende dranken voor gebruik elders dan ter plaatse van meer dan 25% korting zijn verboden. Dit voorkomt ongewenste koopprikkels door middel van prijsacties. Prijsacties voor gebruik ter plaatse, zoals happy hours in de horeca blijven wél toegestaan.
  • Strafbaarstelling van volwassenen die alcohol doorgeven aan minderjarigen (wederverstrekking). Met dit wetsvoorstel wordt het strafbaar als een volwassene, in de publieke ruimte, alcoholhoudende drank geeft aan een minderjarige.
    • Uitzondering strafbaarstelling 16- en 17-jarige testkopers in het kader van toezicht.
    • Uitzondering strafbaarstelling 14- en 15-jarige VMBO leerlingen in het kader van horecastage.
  • Regels voor de verkoop van alcohol op afstand. Onder verkoop op afstand wordt verstaan in het NPA: het aanbieden en de aankoop van alcoholhoudende dranken via internet of telefoon, met verstrekking van de alcoholhoudende drank op het adres van de geadresseerde of bij een bedrijfsmatig ophaalpunt. Naast de wettelijke plicht om op het moment van verstrekking vast te stellen of de koper 18 jaar is, gelden de  volgende nieuwe regels:
    • Ook bij het opgeven van bestellingen van alcoholhoudende dranken dient de leeftijd van de koper geverifieerd te worden. De verkoper dient de leeftijd van de koper na te vragen én de koper dient voor afronding van het aankoopproces zijn/haar leeftijd aan te vinken of een andere actieve handeling te verrichten. In de toekomst wordt in het Alcoholbesluit een leeftijdsverificatiesysteem vastgesteld dat dan verplicht gebruikt moeten worden om te verifiëren of de koper op het moment van aankoop de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt;
    • De verkoper van de alcoholhoudende drank dient te zorgen voor een geborgde werkwijze waarin wordt beschreven hoe op het moment van verstrekking van de alcoholhoudende drank de leeftijd van de ontvanger wordt geverifieerd;
    • Bestellingen van alcoholhoudende dranken kunnen alleen worden afgeleverd op het adres van de geadresseerde waarvoor de alcoholhoudende drank is bestemd of bij een bedrijfsmatig ophaalpunt;
    • Bestellingen van sterk alcoholhoudende dranken en producten behorende tot het slijtersbedrijf, mogen alleen worden gedaan op een website die geen andere producten aanbiedt;
    • Voor het toezicht op de leeftijdsgrens bij verkoop op afstand mag gebruik worden gemaakt van een fictieve identiteit;
    • Het toezicht wordt gecentraliseerd bij de Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit (NVWA).
  • Toestaan van betaalde proeverij in slijterijen. De Alcoholwet maakt het mogelijk om één vorm van blurring toe te staan, namelijk het schenken van alcoholhoudende dranken in slijterijen. Dit maakt het mogelijk voor slijterijen om betaalde proeverijen in hun zaak te organiseren. Bij een gemeentelijke verordening mogen betaalde proeverijen plaatsvinden op dagen en tijden waarop de desbetreffende slijterij normaal gesproken gesloten is en de Winkeltijdenwet opening wel toestaat. Als het toestaan van deze mengformule leidt tot meer verstrekkingspunten en meer verstrekkingen, is het (redelijk) aannemelijk dat dit ongewenste gevolgen heeft voor de volksgezondheid (in het bijzonder voor risicogroepen), verkeersongevallen en de openbare orde ​[5]​.
  • Aanwijzing alcoholoverlastgebied. Bij een gemeentelijke verordening kan bij ernstige aantasting van de volksgezondheid, leefomgeving of openbare orde een gebied worden aangewezen als alcoholoverlastgebied. In die gemeentelijke verordening kan dan worden bepaald dat:
    • de verstrekking van zwakalcoholhoudende drank vanuit bepaalde verkooppunten beperkt of verboden wordt;
    • aanvragen voor een vergunning op grond van de Alcoholwet geweigerd kunnen worden;
    • er bepaalde beperkingen of verboden worden opgelegd, zoals happy hours in de horeca.
  • Regels voor de verstrekking van alcoholhoudende dranken op vervoersmiddelen. Middels een gemeentelijke verordening kan bepaald worden dat op vervoersmiddelen – bestemd voor het vervoer van personen en waarop bedrijfsmatig of anders dan om niet alcoholhoudende drank wordt verstrekt – een medewerker met voldoende kennis en inzicht in sociale hygiëne aanwezig dient te zijn. Dit om de risico’s op overlast, zoals door commerciële bierfietsen, partybussen en op kleinere boten die door de binnenstad varen, te verkleinen. De Landelijke Examencommissie (LEC) sociale hygiëne is een zelfstandig bestuursorgaan dat het register sociale hygiëne beheert, ondergebracht bij de Stichting Vakbekwaamheid Horeca. De LEC erkent diploma’s en beslist over inschrijving van mensen met buitenlandse diploma’s in het register.
  • Overbodige inrichtingseisen horeca en slijterijen zijn vervallen. Inrichtingseisen voor horeca en slijterijen die grotendeels onnodig aanvullend zijn op de algemene eisen uit het Bouwbesluit zijn vervallen. Voorbeelden hiervan zijn: eisen over elektriciteit en ventilatie in de horeca en gedateerde regels die niet meer proportioneel zijn in relatie tot het waarborgen van de volksgezondheid, zoals de verplichte aanwezigheid van twee toiletgelegenheden.

Aanvullende informatie

Bronnen

  1. 1.
    Ministerie van VWS. Nationaal Preventieakkoord: Een gezonder Nederland [Internet]. Den Haag: Ministerie van VWS; 2018. Available from: https://www.rijksoverheid.nl/binaries/rijksoverheid/documenten/convenanten/2018/11/23/nationaal-preventieakkoord/nationaal-preventieakkoord.pdf
  2. 2.
  3. 3.
    Overheid.nl. Drank- en horecawet [Internet]. 2017. Available from: wetten.nl – Regeling – Drank- en Horecawet – BWBR0002458 (archive.org)
  4. 4.
    Rijksoverheid. Overzicht veranderingen door Alcoholwet [Internet]. 2021. Available from: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/alcohol/documenten/publicaties/2021/07/01/overzicht-veranderingen-door-alcoholwet
  5. 5.
    De Boer, A.; Oostdijk, A.; Zwaveling, E.; De Groot, E. Effecten van het initiatiefwetsvoorstel ‘Regulering mengformules ’. Utrecht: Berenschot; 2019.

Hoe te verwijzen

    Nationale Drug Monitor, editie 2022. . . Geraadpleegd op: . Trimbos-instituut, Utrecht & WODC, Den Haag.