HomeCocaïne4.2.2 Demografische kenmerken algemene bevolking

4.2.2 Demografische kenmerken algemene bevolking

De cijfers over het gebruik van cocaïne kunnen worden uitgesplitst naar geslacht, leeftijd, opleidingsniveau, migratieachtergrond en stedelijkheid. Het aantal laatste-maand-gebruikers van cocaïne is in de steekproef van de Gezondheidsenquête te laag om nader uit te splitsen naar deze demografische kenmerken.

Onderstaande tekst heeft daarom alleen betrekking op het gebruik ooit in het leven en in het laatste jaar.

Geslacht

Cocaïnegebruik onder mensen van 18 jaar en ouder komt ongeveer 2 keer zo vaak voor onder mannen als onder vrouwen in 2020.

Tabel 4.2.x Gebruik van cocaïne in de bevolking van 18 jaar en ouder, naar geslacht.

Leeftijd

Het gebruik van cocaïne komt het meest voor onder jongvolwassenen (zie onderstaande figuur).

  • De gemiddelde leeftijd van de laatste-jaar-gebruikers van cocaïne was 31,4 jaar.
  • Onder twintigers is het laatste-jaar-gebruik van cocaïne het hoogst: in de leeftijdsgroep 25-29 jaar heeft 4,2% in het laatste jaar gebruikt, en in de leeftijdsgroep 20-24 jaar was dat 4,4%.
  • In de aanvullende LSM-A middelen werd aan cocaïnegebruikers gevraagd op welke leeftijd zij dit middel voor het eerst namen. De gemiddelde startleeftijd van alle gemiddelde gebruikers is 22,5 jaar, dit ligt iets hoger dan voor onder andere ecstasy en cannabis. De helft van de volwassen Nederlanders die in het afgelopen jaar cocaïne gebruikte, gebruikte dit middel in de leeftijd van 20 tot 24 jaar voor het eerst. Een kwart van de gebruikers was dus jonger toen ze voor het eerst gebruikten en een kwart was ouder.

Figuur 4.2.2           Cocaïnegebruik in de bevolking van 18 jaar en ouder, naar leeftijdsgroep.

Opleidingsniveau

Cocaïnegebruik komt meer voor onder hoogopgeleiden dan onder laagopgeleiden (zie onderstaande tabel). Voor het laatste-jaar-gebruik gaat het om een factor vier: 2,3% van de HBO- en de WO opgeleiden heeft het laatste jaar gebruikt, vergeleken met 0,6% van de laagopgeleiden (basisonderwijs, LBO, MAVO, VMBO). Het ooitgebruik ligt onder de hoogopgeleiden 1,9 maal hoger (6,3%) dan onder de laagopgeleiden (3,3%).

Tabel 4.2.2            Gebruik van cocaïne in de bevolking van 18 jaar en ouder naar opleidingsniveau.

Migratieachtergrond

In 2020 ligt het laatste-jaar-gebruik van cocaïne onder volwassenen zonder migratieachtergrond (1,7%) of met een westerse migratieachtergrond (2,2%) hoger dan onder volwassenen met een niet-westerse migratieachtergrond (0,6%). Het ooitgebruik van cocaïne is in 2020 het hoogst onder volwassenen met een westerse migratie-achtergrond (zie onderstaande tabel).

Tabel 4.2.3             Gebruik van cocaïne in de bevolking van 18 jaar en ouder naar migratieachtergrondI.

Stedelijkheid

Cocaïnegebruik komt het meest voor in (zeer) sterk stedelijke gebieden (zie onderstaande tabel). Mensen die in deze gebieden wonen, hebben twee keer zo vaak ervaring met cocaïnegebruik als mensen in minder stedelijke gebieden: 6,9% vergeleken met 4,7% en 2,7%. Hetzelfde geldt voor laatste-jaar-gebruik.

Tabel 4.2.4            Gebruik van cocaïne in de bevolking van 18 jaar en ouder naar stedelijkheidI.

Aanvullende informatie

Hoe te verwijzen

    Nationale Drug Monitor, editie 2022. . . Geraadpleegd op: . Trimbos-instituut, Utrecht & WODC, Den Haag.

Vergroot lettertype