HomeCannabis3.4 Problematisch gebruik

3.4 Problematisch gebruik

3.4.1 Cannabisstoornis

In het kort: in de periode 2019-2022 had ongeveer 1 op de 75 volwassenen (1,3%) in het jaar voorafgaand aan het onderzoek een cannabisstoornis volgens de DSM-5 criteria. Een cannabisstoornis komt vaker voor onder mannen en jongvolwassenen. Vergeleken met 2007-2009 is het aandeel volwassenen met een cannabisstoornis toegenomen (van 0,6% naar 0,4% volgens de DSM-IV criteria). Er zijn geen cijfers over het vóórkomen van een cannabisstoornis onder minderjarigen (<18 jaar).

Wat is problematisch gebruik?

De term problematisch middelengebruik kent geen uniforme en overeengekomen definitie (zie bijlage D en bijlage B12). Bij de verschillende definities die in onderzoek en praktijk worden gehanteerd staat centraal dat het gebruik leidt tot lichamelijke, psychische en/of sociale problemen. Er kan daarbij globaal een onderscheid worden gemaakt in:

  • problemen die ontstaan door een patroon van problematisch cannabisgebruik dat leidt tot beperkingen, zoals controleverlies, onthoudingsverschijnselen of het opgeven van sociale activiteiten. In dat geval kan gesproken worden van een cannabisstoornis.
  • negatieve gezondheidseffecten door de intensiteit van het gebruik (frequentie en hoeveelheid). Hierbij staan vooral de lichamelijke gevolgen van het gebruik centraal.

Op deze pagina wordt ingegaan op een cannabisstoornis.

Hoe wordt een cannabisstoornis gemeten?

Een cannabisstoornis kan worden vastgesteld volgens de criteria van het internationaal psychiatrisch classificatiesysteem de DSM-5. Er is sprake van een stoornis als iemand binnen een periode van één jaar voldoet aan twee of meer kenmerken uit een lijst van 11. Voorbeelden zijn: meerdere mislukte pogingen gedaan om te minderen of te stoppen; door gebruik tekortschieten op werk, tijdens studie of thuis; voortdurend gebruiken, zelfs als iemand daardoor in gevaar komt.

In Nederland zijn cijfers over een DSM-5 cannabisstoornis beschikbaar uit de NEMESIS studie. De meest recente cijfers zijn verzameld in de periode 2019-2022.

Hoeveel volwassenen hebben een cannabisstoornis?

Ongeveer 1 op de 75 volwassenen had in het afgelopen jaar een cannabisstoornis

Van de volwassenen van 18 tot en met 75 jaar had naar schatting 1,3% in de 12 maanden voorafgaand aan het onderzoek een cannabisstoornis volgens de DSM-5. Dat komt neer op ongeveer 159.600 volwassenen.

Ongeveer 1 op de 25 volwassenen (3,9%) had ooit in het leven een cannabisstoornis gehad. Daarbij was in 30% van de gevallen sprake van een ernstige cannabisstoornis, 30% had een matige en 40% had een milde cannabisstoornis.

Dit zijn de meest recente cijfers over het vóórkomen van een cannabisstoornis in Nederland, afkomstig uit het NEMESIS-3-onderzoek uitgevoerd in de periode 2019-2022 ​[1]​.

Een cannabisstoornis komt vaker voor onder mannen en jongvolwassenen

Een cannabisstoornis in de afgelopen 12 maanden kwam onder mannen (1,9%) vaker voor dan onder vrouwen (0,6%) en onder jongere leeftijdsgroepen vaker dan onder oudere leeftijdsgroepen. Ter illustratie, van de 18-24-jarigen had 3,9% in het afgelopen jaar cannabis gebruikt en van de 65-plussers 0,3%. Alleen onder vrouwen was sprake van een opleidingsverschil: het laatste-jaar-gebruik van cannabis onder vrouwen met een opleiding op basisonderwijs, lbo, mavo en vmbo (1,6%) lag hoger dan onder de vrouwen met een opleiding op havo, vwo, mbo, hbo of universiteit (0,3%).

Voor uitsplitsingen naar woonsituatie, werksituatie, urbanisatiegraad, herkomst en inkomensniveau zie de website van NEMESIS.

Tabel 3.4.1     Jaarprevalentie en aantallen mensen met een cannabisstoornis. Peiljaar 2007-2009

Het aantal volwassenen met een cannabisstoornis is toegenomen

Vergeleken met 2007-2009 (NEMESIS-2 onderzoek) was er in 2019-2022 (NEMESIS-3 onderzoek) een significante toename in het percentage volwassenen (18 t/m 64 jaar) met een cannabisstoornis in de afgelopen 12 maanden (van 0,6% naar 1,4%). Dit verschil is significant, ook na correctie voor geslacht, leeftijd, opleidingscategorie, woonsituatie, werksituatie, en stedelijkheid. Dat betekent dat de toename niet komt door veranderingen in deze demografische kenmerken in de bevolking in dezelfde periode. Het gaat hierbij om DSM-IV aandoeningen in de afgelopen 12 maanden bij volwassenen van 18-64 jaar, omdat in 2007-2009 de DSM-5 criteria nog niet werden gebruikt.

Hoeveel jongeren hebben een cannabisstoornis?

Het is niet bekend hoeveel jongeren (<18 jaar) in Nederland een cannabisstoornis hebben

Er zijn geen landelijke gegevens over het vóórkomen van een cannabisstoornis onder jongeren onder de 18 jaar. Wel zijn er gegevens over het percentage 15-16-jarige scholieren dat een verhoogd risico heeft op een cannabisstoornis, zie voor meer informatie de pagina over een verhoogd risico op een cannabisstoornis.

Een cannabisstoornis gaat vaak samen met andere stoornissen

Een cannabisstoornis gaat vaak samen met een stoornis in het gebruik van andere middelen en met gedragsstoornissen en psychische stoornissen zoals bijvoorbeeld depressie en ADHD, zie voor meer informatie § 3.7.

Aanvullende informatie

Bronnen

  1. 1.
    ten Have, M., Tuithof, M., van Dorsselaer, S., Schouten, F., de Graaf, R. NEMESIS Kerncijfers psychische aandoeningen Tabellenbijlage https://cijfers.trimbos.nl/nemesis/nemesis-trends/tabellenbijlage-trends/.

Hoe te verwijzen

    Nationale Drug Monitor, editie 2026. . . Geraadpleegd op: . Trimbos-instituut, Utrecht & WODC, Den Haag.